maandag 9 september 2019

29 jaar



Vorige week vierden echtgenoot en ik dat we 29 jaar getrouwd waren. Dat is best een hele tijd. Je zou denken dat we de dag doorbrachten met nadenken over 'wie had 29 jaar geleden gedacht dat we nu op Curaçao zouden wonen' en meer van dat soort overpeinzingen. Maar echtgenoot had daar geen tijd voor, die had een spoedopdracht en was de hele dag van huis.
En ik probeerde de puinhopen van de doorlopende verbouwingen op te ruimen en bedacht dat we destijds al hadden overwogen om naar Bonaire te verhuizen. Dat is ons uit het hoofd gepraat door mensen die andere plannen met ons hadden (dat klinkt vrij luguber, als ik het teruglees, maar het drukt toch wel een beetje uit hoe het was, zonder op details in te gaan), maar het idee van emigratie is altijd blijven leven.
Goed, er kwamen wat zwangerschappen en baby's en peuters tussen door. Die eerste paar jaren hadden we wel iets anders aan ons hoofd. Maar toen de dochters allemaal naar school gingen, dachten we dat het misschien wel leuk was om naar Australië te vertrekken. En als Australië ons had willen hebben, zouden we dat gedaan hebben ook.
In de jaren daarna kwam het 'een camping beginnen in Frankrijk' idee nog even voorbij (maar het nadeel van Frankrijk is dat er zoveel Fransen wonen die allemaal nog Frans spreken ook) en ik voelde wel wat voor Engeland. Echtgenoot niet, want die wilde graag een beter klimaat dan het Nederlandse, niet een nog slechter klimaat. Ierland durfde ik daarom niet eens te noemen.
Hoewel, we kennen hier een paar Ieren en een van hen vertelde ons verbaasd dat hij ergens gelezen had dat het in Nederland nóg vaker regent dan in zijn vaderland. Dus.
Toen we gingen reizen, was de vraag 'zouden we hier willen wonen?' altijd een leuk gespreksonderwerp. Nee, dat we uiteindelijk toch echt geëmigreerd zijn, verbaast me niet echt.
Het feit dat we het al zo lang samen volhouden ook niet. We zijn tenslotte getrouwd met het idee dat dat voor altijd zou zijn.
Nee, wat mij altijd het meest verbaast als ik me bij dit soort gelegenheden realiseer hoeveel jaren er voorbij gegaan zijn, is hoe weinig een mens eigenlijk verandert. Ja, uiterlijk. Het vel is niet zo strak meer en de haren worden grijs. En lichamelijk merk je het ook wel. De leesbril moet echt overal mee naar toe en het gaat allemaal niet wat moeizamer dan toen we twintig waren. Maar van binnen... van binnen ben ik nog steeds dat meisje van toen. Met wat meer levenservaring, dat wel. Maar daardoor verander je niet wezenlijk. Dat denk je als je nog jong bent. Je denkt dat je jezelf kunt veranderen, kunt vormen. Sommige mensen denken zelfs dat ze hun partner kunnen veranderen. Dat is helemaal dom, maar ook een heel ander onderwerp, we hebben het nu over onszelf.
Dertigjarige bloggers en youtubers zijn nogal van de doelen en de zelfontwikkeling. Gewoontes aanleren en jezelf veranderen in een beter mens. Het is ze gegund, hoor. Maar ik geloof er niet in.
Gedrag kun je veranderen. Absoluut. Maar je blijft wie je bent.
Als je van nature slordig bent, kun je jezelf leren je huis bij te houden en alles op te ruimen. Maar je zult er altijd bij na moeten denken, jezelf altijd moeten vertellen dat je nu echt aan de slag moet. Want als je denkt dat je spontaan in een net mens verandert bent door een paar maanden een schema te volgen, heb je het mis.
Als je te dik was omdat je moeilijk maat kunt houden met eten, kun je heel erg afvallen als je de knop eenmaal omgezet hebt. Maar je kunt nooit zomaar eten waar je zin in hebt. Ja, een paar dagen, misschien een paar weken. Maar daarna zul je jezelf moeten dwingen je weer aan de regels te houden. Want anders slippen de slechte gewoontes er zó weer in en de kilo's er zó weer aan.
Als je van nature verlegen en onzeker bent, leer je in de loop van de jaren omgaan met mensen. Je kunt jezelf er toe zetten gesprekken te beginnen en zelfverzekerd over te komen. Maar diep van binnen zit nog steeds dat meisje dat het liefst met een boek op haar kamer zat omdat ze het gevoel had dat niemand haar aardig vond.
Ik moet eerlijk toegeven dat ik best teleurgesteld was toen ik dit door begon te krijgen. Want hoe fijn zou het zijn als je met wat werk en doorzettingsvermogen kon veranderen in de persoon die je zo graag zou willen zijn? Maar zo werkt het dus niet. Je blijft wie je bent. Je leert er alleen beter mee omgaan.
Voor ons huwelijk is dat wel goed, trouwens. Want diep van binnen ben ik dus nog steeds datzelfde meisje dat zo verliefd was op die jongen die hij stiekem ook nog is. Andersom is dat ook zo. En dat is fijn.

lees verder»

dinsdag 3 september 2019

Les



'Denk eraan, vanavond hebben we Papiamentu,' waarschuwde ik echtgenoot. Die heeft regelmatig van alles te doen op dinsdagavond en dat is niet handig. Zeker niet als hij de auto nodig heeft, want dan kan ik ook niet gaan.
Terwijl ik het zei, bedacht ik dat ik nog wel even de aantekeningen van de week ervoor moest bekijken. Had ik nog niet gedaan. Zo gaat het iedere week. Dinsdagavond kom ik enthousiast thuis, neem me voor om elke avond even naar de woordenlijst te kijken zodat ze dan misschien blijven hangen.
Maar dan is er van alles te doen. Werk, huishouden, klussen aan ons wel bewoonbare, maar nog lang niet afgewerkte huis, bezoekjes aan officiële instanties om de verhuizing te regelen, afspraken met vrienden en een feestje als kers op de taart. En ineens is het alweer dinsdag.
Nu is dit geen heel schoolse cursus. We worden min of meer overhoord, maar erg hard gaat het niet allemaal. Met even snel de aantekeningen doorlezen kan ik aardig de schijn ophouden.
Echtgenoot probeert de schijn niet eens meer op te houden, die heeft teveel werk aan zijn hoofd om er nog woordjes bij te kunnen proppen en bovendien sowieso geen aanleg voor talen. Het blijft allemaal niet erg hangen bij hem.
Maar we gaan er eigenlijk ook vooral heen omdat het zo ontzettend gezellig is. Onze lerares is een echte Curaçaose, die vijfendertig jaar in Nederland gewoond heeft. Ze weet dus veel van het eiland, maar is tegelijkertijd ook heel Nederlands. Zegt dingen als 'om de dooie donder niet', wat echt niet te vertalen is in het Papiamentu.
Dat laatste is trouwens mijn grote probleem met deze taal. Papiamentu is een vrij beperkte taal, met een simpele grammatica. Mensen die ermee opgegroeid zijn, kunnen er alles mee zeggen, maar je moet wel uitgaan van eenvoudige, korte zinnen. En ik ben van nature nu eenmaal vrij woordenrijk (dat was mijn lezers vast nog niet opgevallen – ha!), dus dat is lastig. Cynisme kun je trouwens ook slecht letterlijk vertalen.
Het is dus niet alleen een kwestie van woordenschat en grammatica, maar – voor mij – vooral een kwestie van me anders leren uitdrukken. En dat is lastig, na bijna een halve eeuw erop los kletsen.
Maar goed, ik doe mijn best en ik steek toch wel wat van de lessen op.
Vorige week leerden we hoe allerlei traditionele zoetigheden heten. Daar is bij mij niet veel van blijven hangen om eerlijk te zijn, want ik kan geen suiker eten (niet zonder er ziek van te worden in ieder geval). De andere leerlingen konden ook proeven en maakten ijverig aantekeningen van wat ze het lekkerst vonden.
Gelukkig leerden we daarna ook nog wat werkwoorden. Ik vroeg wat opruimen in het Papiamentu was, want als ik moet vertellen wat ik deze week gedaan heb, kom ik vooral op schoonmaken (die wist ik al – limpi) en opruimen.Dat bleek gewoon 'opruimen' te zijn.
We gingen door naar de kledingstukken. Een van de mannelijke leerlingen vroeg naar het woord voor beha.
'Hoho, eerst de bovenkleding,' remde de lerares af.
Waarop hij met een heel serieus gezicht antwoordde: 'O, sorry. Ik wilde graag wat dieper op de materie ingaan.'
Toen we daarover uitgelachen waren, handelden we alle kledingstukken die we konden verzinnen nog even af. Mijn bijdrages waren zwempak, zwembroek en bikini, die weer letterlijk hetzelfde bleken te zijn. Ik heb er een neus voor, blijkbaar, want twee weken eerder bij de boodschappen zat ik met ham en wortel ook al in hetzelfde schuitje.
Daarna bespraken we nog even de brand in het belastingkantoor en andere politieke en maatschappelijke zaken. We raakten lekker op dreef, dus stuurde ik echtgenoot, die thuis aan het werk was, maar een berichtje om te melden dat het een beetje uitgelopen was. Anders ging hij zich nog zorgen maken.
Ik deed dat wel in het Nederlands, want ik kan 'Het duurde wat langer, ik ga nu pas weg' nog niet in het Papiamentu zeggen. En als ik het kon, zou hij het niet begrijpen. Gelukkig hebben we nog heel wat weken les te gaan...
lees verder»

woensdag 28 augustus 2019

Verhuisperikelen



We zijn inmiddels verhuisd naar het nieuwe oude huis. De sleutels van het appartement zijn ingeleverd en het oeverloze heen en weer rijden is dus voorbij. Nou ja, min of meer dan. Want hier op Curaçao heeft verhuizen heel wat voeten in aarde. Je moet dat overal persoonlijk gaan melden en dat kost tijd.
Vorige week zijn we bij Kranshi, het gemeentehuis geweest. Dat ging alweer niet helemaal soepel. We dachten deze keer goed voorbereid te zijn. Volgens onze koopakte hebben we alleen een kavelnummer en we wisten al dat ze dat niet accepteren als officieel adres. Echtgenoot was al een keer bij Ruimtelijk Ordening en Planning langs geweest om ons adres op te vragen, want die zag de bui al hangen. Maar daar hoorden we niets meer van en toen Aqualectra aan de hand van het nummer op onze elektriciteitsmeter met een volledig adres kwam, namen we aan dat dát het juiste huisnummer was. Nee dus.
Dan maar weer naar ROP. Waar ik toch maar even meldde dat we in mei al een aanvraag hadden gedaan. Dat was een slimme zet, want nu werden we – na een kwartier wachten – meegenomen naar het kantoor van degene die dat adres had moeten uitzoeken. Verontschuldigend wees hij op de stapel aanvragen op zijn bureau. 'Twee mensen voor het hele eiland. We hebben een grote achterstand.'
De aanvragen werden duidelijk ook niet op volgorde afgehandeld, want hij gooide ze flink door elkaar toen hij op zoek was naar de onze. Die natuurlijk vrijwel onderop lag.
Daarna werden er kaarten te voorschijn gehaald, computerbestanden vergeleken en werd er uiteindelijk in overleg met Kranshi een besluit genomen. We hadden een officieel adres!
Daarmee was inschrijven zo gebeurd. Maar toen was dus wel de hele ochtend om. Om onszelf te troosten gingen we maar lunchen bij een van onze favoriete restaurantjes.

We stapten weer in de auto en reden naar Muizenberg, in de hoop daar gasflessen te kunnen regelen voor het fornuis. We hadden er een geleend van onze vroegere huisbaas, maar dat kon natuurlijk niet zo blijven. Helaas waren de kleine gasflessen nog steeds op.
'Over twee maanden misschien.' Ja ja. In juli zeiden ze: 'Volgende maand.' Begin augustus zeiden ze: 'Eind van de maand.' En nu dus over twee maanden. Dat duurde te lang.
We besloten dan toch maar een aanvraag voor grote flessen te doen. Dat vinden we eigenlijk niet handig. De kleine kun je zelf laten vullen, voor de grote moet je bellen om ze te laten wisselen. Bovendien kunnen de kleine in het keukenkastje staan en moeten we voor de grote leidingen naar buiten aanleggen. Maar ja, je moet toch wat.
Er stonden al twee grote flessen op de porch, dus ooit was er al een contract geweest. De dame achter het loket zocht in het systeem, maar ons adres stond er niet in. Niet het kavelnummer, niet het adres dat Aqualectra had en sowieso niet ons kersverse nieuwe adres natuurlijk. Het was blijkbaar te lang geleden en het moest dus een nieuwe aansluiting worden. Wat inhield dat de leidingen gekeurd moesten worden en er twee nieuwe flessen moesten worden aangeschaft. Kosten ruim achthonderd gulden.
Eh... laat maar. We gaan nog wel even op zoek naar tweedehands kleine flessen. Even ter vergelijking: een nieuwe kleine fles kost 72 gulden en vullen kost 13 gulden. Ik doe meestal een maand of vier met zo'n volle fles. Reken maar uit hoelang het duurt voor je die achthonderd eruit hebt.

Na dit tegenvallende bezoekje besloot echtgenoot nog even bij Aqualectra langs te gaan. Dat lag min of meer op de route naar huis en was ook hard nodig.
We hebben namelijk al ruim een maand water, maar nog steeds geen elektriciteit. Op dit moment draaien we volledig op onze zonnepanelen. Dat gaat, maar we willen graag ook een normale aansluiting. De dame achter het loket keek in de computer en meldde dat we allang aangesloten waren. 'Een dag na jullie aanvraag.'
Echtgenoot legde haar nadrukkelijk uit dat hij niet wist wát ze wáár aangesloten hadden, maar dat wij echt geen stroom hadden. Ze belde iemand die er meer van moest weten en die beloofde vandaag nog langs te komen.
Wat betekende dat wij direct naar huis moesten, want dat was ruim drie kwartier rijden. Als degene die moest komen kijken in de buurt was, zouden we hem mislopen. Maar dat viel mee.
Als we dit verhaal vertellen aan iemand die hier woont, zegt die op dit punt altijd: 'Je wacht zeker nog?'
Nee. Tot onze grote verbazing stond een half uur nadat wij thuis waren iemand bij de meterkast (die zit hier aan de straat) te kijken. Echtgenoot liep naar hem toe. De man beweerde ook dat we aangesloten waren en wees naar de hoofdzekering. Daar hadden ze een stop ingedraaid. En dan waren we aangesloten.
Echtgenoot wees ook. Naar de draad die van de stop naar de meter liep. Naar de draad die naar ons huis liep. En naar de niet aanwezige draad die de stroom van de leidingen boven ons hoofd naar de hoofdzekering had moeten brengen. Het duurde werkelijk even tot het doordrong.
Ook deze man moest met iemand anders bellen. Die reageerde nogal chagrijnig tot echtgenoot vertelde dat wij het huis nog maar drie maanden hebben, dat het jaren heeft leeggestaan en dat wij dus ook niet weten waarom er geen kabel van de leidingen naar onze meter gaat. Toen werd hij vriendelijker.
'Morgen komt er iemand om de boel aan te leggen,' beloofde hij.
Fijn! Eindelijk geregeld. Dachten we.
Tja.
Dat was vorige week donderdag. Het is nu woensdag.
We wachten nog...

(foto van Pexels.com)
lees verder»

woensdag 24 juli 2019

Eeuwigheid


'Die keukens bouwen ze hier voor de eeuwigheid,' zei een kenner. En hij had gelijk. De keuken in ons nieuwe huis is er eentje die niet zomaar instort. Opgebouwd uit betonblokken, met massief houten deuren en lades. Zelfs het aanrechtblad is van beton. De tegeltjes die daarop zitten zijn niet echt mijn smaak, maar die kun je er simpel afbikken en vervangen. Nou ja, simpel... Het is in ieder geval te doen. Ooit, want voorlopig was ik heel erg blij met mijn enorm grote keuken en het fantastische uitzicht.
Ik was een weekje in Nederland toen echtgenoot me een foto van een lopende keukenkraan en een opgewonden appje stuurde. “We hebben water!”
Dat was inderdaad een mijlpaal. Schoonmaken zonder te piekeren over de voorraad water. Hoe heerlijk is dat?
Dus schrobde en boende ik erop los zodra ik weer op het eiland en in ons huis was. De roestvrijstalen wasbak had wat rare vlekken, maar ik had schuurmiddel, schuursponsjes en zelfs speciaal poetsmiddel om roestvrij staal schoon te krijgen. Dat moest goed komen.
Toen de wasbak glansde, begon ik aan de kastjes. In het gootsteenkastje raakte ik het slangetje van de overloop met mijn doekje. Het bleek zo oud te zijn dat het spontaan verbrokkelde.
Geen nood, dacht ik. Gewoon die bak niet te vol doen. Maar zo werkt dat niet. Als het chiffon vol liep, kwam het water er via dat kapotte slangetje uit.
Een nieuwe overloopset bleek niet verkrijgbaar, maar we rommelden wat met een wasmachineslang die natuurlijk net niet paste en wat rubbers tot het dicht was. Ik draaide de kraan open om het te testen en keek onder de gootsteen. Helaas, toch nog druppels. Draaide de kraan dicht en realiseerde me dat die druppels wel op een rare plek zaten. Ging nog eens onder de gootsteen kijken en realiseerde me dat er gaatjes in het roestvrij staal zaten. Dat was ons niet eerder opgevallen, maar waarschijnlijk had ik het vuil er daarnet uitgepoetst.
De bouwers van onze keuken hadden zich niet gerealiseerd dat roestvrij staal geen eeuwigheid meegaat. De bak is in het beton van het aanrechtblad gegoten. Vervangen is dus niet gemakkelijk.
Dan die hele keuken er maar uitslaan en een nieuwe keuken plaatsen? We overwogen het wel even. Maar dat kostte ten eerste veel geld en ten tweede tijd, wat we beide al behoorlijk tekort hadden. En dan heb ik het nog niet over de energie die erin gaat zitten om zo'n betonnen keukenblok te verwijderen.
Gelukkig bleek er een oplossing te zijn. Dichtsmeren met siliconenkit kan werken voor kleinere gaatjes en als dat niet helpt, bestaat er kneedbaar metaal.
De siliconenkit werkte. In ieder geval voorlopig. Maar een eeuwigheid redden we er niet mee en ik betwijfel zelfs of deze oplossing het jaren volhoudt. We gaan dus maar vast sparen voor een nieuwe keuken...

p.s. dit is mijn laatste stukje deze zomer. De komende weken gaan we keihard werken om de laatste puntjes op de i zetten voor de verhuizing naar het nieuwe huis. Begin september hoop ik jullie vanuit mijn nieuwe huis weer wekelijks van updates en stukjes te voorzien. Fijne vakantie allemaal!

p.p.s.  bonus foto's: de keuken begint al ergens op te lijken (als je het niet aanwezige plafond netjes buiten de foto houdt)


lees verder»

donderdag 18 juli 2019

Tanden



'Mensen zorgen tegenwoordig zo slecht voor hun tanden', verzuchtte de jongen aan het tafeltje achter ons. Het meisje dat naast hem zat, verzekerde hem haastig dat ze echt elke dag floste, soms wel twee keer per dag.
Met een vaag gevoel van schaamte besefte ik dat ik dat niet kon beweren. Tandenpoetsen doe ik vaak genoeg, maar flossen vind ik eng. Ik ben altijd bang dat ik met dat draadje dingen doorzaag die vast moeten blijven zitten. En over mijn angst voor tandartsen zal ik het maar niet hebben. De jongen wás waarschijnlijk tandarts. Ook was hij volgens mij al een beetje aangeschoten, want hij begon nu luidkeels te oreren over gaatjes en wat je daar allemaal aan moest doen. Ik kreeg er spontaan kiespijn van.
Om mezelf af te leiden richtte ik mijn aandacht op de andere mensen op het terras.
Verderop zat een Nederlands stel. Tenminste, ik nam aan dat ze Nederlands waren, omdat ze om half vier 's middags een kopje koffie dronken op een Curaçaos terras, terwijl iedereen aan de cocktails of het bier zat. Daar kun je van alles van vinden, maar ik krijg er altijd zo'n warm gevoel van. Het echte ouderwetse 'En dan... is er koffie' gevoel. Heerlijk. Wat er onder het genot van dat bakkie pleur besproken werd, kon ik niet verstaan. Ze zaten te ver weg en spraken heel zachtjes.
Naast ons zat een groep Amerikanen. Dat zag je aan de blinkend witte tanden en hoorde je aan hun accent. Ik zag ooit een Amerikaans filmpje over hoe je je moest gedragen in het buitenland. Een van de tips was 'Gebruik je bibliotheekstem in het openbaar. Veel mensen vinden dat wij erg hard praten.'
Deze Amerikanen gebruikten hun normale stem, dus het was vrij gemakkelijk om mee te luisteren. Ze hadden het over werkdruk en moe zijn en mijn gedachten dwaalden al snel weer af, want daar wist ik alles van. We hebben heftige maanden achter de rug en het einde is nog niet in zicht. Maar gelukkig kunnen we af en toe lekker uitrusten op een terrasje in de zon, dat maakt een hoop goed.
De tandarts bestelde nog een emmer bier. Ik vroeg me af of hij besefte dat er in het merk dat hij dronk aardig wat suiker zit. Heel slecht voor je tanden. Gelukkig drink ik alleen maar water.

(foto van Pexels.com)
lees verder»

dinsdag 9 juli 2019

Twee emmertjes


Ik betrapte mezelf erop dat ik 'Twee emmertjes water halen' liep te zingen.
Hoewel inmiddels de aanvraag om ons huis aan te sluiten op elektra en water ingediend was, begon de watersituatie nogal nijpend te worden. Toen we het kochten, stond er een vat met een kuub water op de porch en daarnaast nog een ton met ruim 200 liter. Genoeg om het ergste vuil mee weg te boenen en het buitentoilet mee te spoelen. Maar toen men eenmaal begon aan de bouw van onze nieuwe beerput ging het ineens hard. Want daar is beton en cement voor nodig en dat maak je nu eenmaal met water. We zagen het peil ineens wel erg snel dalen.
Dus overlegden we met onze huisbaas en reden we die donderdag twee keer met zo'n 200 liter vat in de aanhanger op en neer naar het nieuwe huis. Omdat het huis hoger ligt dan de hoogste plek waar je met auto en aanhanger kunt komen (mede doordat de beerput-in-aanbouw in de weg lag), moesten we vervolgens dat vat leegscheppen met emmertjes en die in de grote watercontainer legen.
'Geen sportschool nodig!' roep ik in zo'n geval. In totaal ben ik zestien keer met twee emmertjes die acht treden opgeklommen. De eerste acht keer vielen mee, want dat was tamelijk vroeg in de ochtend. De tweede ronde was midden op de dag. Niet het juiste moment voor lichamelijke inspanning, maar het was nu eenmaal nodig.
De 'meisjes op de klompen' in het liedje hadden het niet veel gemakkelijker dan ik op mijn versleten slippers, bedacht ik, terwijl ik heen en weer liep. Maar het was nog altijd gemakkelijker dan zoveel Afrikaanse vrouwen het hebben, die dagelijks uren lopen voor een paar liter water. Dan was dit eigenlijk gewoon een luxeprobleem, want over een paar weken hebben we gewoon stromend water uit de kraan. Wel een stuk duurder dan in Nederland, dus regenwater opvangen en zuinigdoen is hier noodzaak. Die beerput is alleen voor het toilet. Al het andere gebruikte water gaat straks naar de planten of gaat pas de beerput in als we het gebruikt hebben om het toilet te spoelen.
We zaten nog na te hijgen van het sjouwen toen er bezoek kwam met fijn nieuws. Als we meer water nodig hebben, mogen we dat – tegen vergoeding, want zoals gezegd, water is hier duur - met een tuinslang bij het appartementencomplex van de buren vandaan halen. Het gesjouw met emmertjes water is hierbij dus niet meer nodig. Dat is een opluchting.
En nu maar hopen dat we snel ons eigen water zullen hebben. Je komt er op deze manier wel achter hoe belangrijk dit soort basisvoorzieningen eigenlijk zijn...

p.s. wegens persoonlijke omstandigheden zal ik de komende tijd weinig online zijn. Ik zal dus waarschijnlijk niet zo snel en actief reageren als ik normaal wel probeer te doen.


lees verder»

vrijdag 5 juli 2019

Nee, kakkerlakken wil ik niet in mijn huis

lees verder op Franska.nl
lees verder»

donderdag 4 juli 2019

Cirkelzaag



'Wat doe je?' vroeg echtgenoot slaperig.
Ik legde nog een handdoek op de grond en antwoordde: 'De airco drupt.'
'O,' zei hij, draaide zich om en sliep weer verder. Ik liet het maar zo, want midden in de nacht kon hij er toch weinig aan doen. Zelf sliep ik weinig die nacht, want dat gedrup irriteerde me mateloos en het ding rammelde ook nog harder dan hij de laatste tijd al deed.
De volgende ochtend bleken de filters zeer vuil te zijn. Nooit over nagedacht dat je die regelmatig schoon moet maken. Airconditioning is nu eenmaal nog vrij onwennig voor ons. We verwijderden een dikke laag stof van de filters en zetten de airco even aan om het resultaat te testen. Geen gerammel, geen gedrup. Opgelost.
Dachten we. Maar die avond begon het druppen opnieuw, zodra de airco goed koud werd. Blijkbaar was er nog iets anders mis. Na nog een slapeloze nacht meldden we het bij onze huisbaas. Hij kon er zelf ook niets mee en belde meteen iemand die er verstand van had. Die kwam een paar uur later om het probleem op te lossen.
Dat hoopte ik tenminste, toen ik ze eenmaal bezig zag. Ze kwamen met drie man tegelijk. Zowel de binnen- als de buitenunit werd van de muur geschroefd en gedemonteerd. Er werd een verlengsnoer in mijn keukenstopcontact geprikt en daar werd een hogedrukspuit op aangesloten, waarmee alle losse delen zorgvuldig schoongespoten werden. Dat snapte ik nog wel, maar wat deden ze in hemelsnaam met die cirkelzaag?
Ik kwam er niet uit en hoopte maar dat zij het zelf wel begrepen. De stoppen waren er in ieder geval niet blij mee, die sloegen drie keer door. Er werd gespoten en gezaagd en heftig gediscussieerd in het Papiamentu en het duurde vrij lang allemaal. Ik begon het allemaal somber in te zien en voorzag nog vele slapeloze nachten, want zonder airco is ons eenkamerappartementje erg warm 's nachts.
Maar toen kwam er ineens schot in.
De huisbaas legde uit dat er een of ander insect een nest in de buitenunit had gebouwd, vandaar dat uitgebreide schoonspuiten. Van de gezaagde planken en balkjes maakten ze een tafelblad waarop de units neergelegd werden om ze weer in elkaar te kunnen zetten. Juist. Logisch allemaal.
De boel werd weer aangesloten en uitvoerig getest. Deze keer was het probleem echt opgelost. We hebben die nacht heerlijk geslapen.

(foto van pexels.com)
lees verder»

donderdag 20 juni 2019

Overspannen?

Soms wordt het net een beetje teveel allemaal...

Lees verder op Franska.nl
lees verder»

vrijdag 14 juni 2019

Billen

‘Ik trek dit even wat strakker, dan komen de billen beter uit.’ Ik onderdrukte mijn neiging om terug te deinzen en liet de man zijn gang gaan.
Meer over mijn nieuwe bikini op Franska.nl
lees verder»