Geertrude Verweij over schrijven, lezen en leven

{creatief} 52 mutsen :: 16 - strepen



Wat kan ik over deze muts zeggen? Niet veel, eigenlijk. Ik verwerkte de restanten van drie andere mutsen in een streeppatroon. Het garen is Zeeman Tweed, ik zette 80 steken op met naald 4 en wisselde van kleur als ik er zin in had.
Lees verder ...

Haast


Voor me telde een oude man zorgvuldig een handvol kleingeld uit om zijn boodschappen te betalen. Hij raakte in de war, begon opnieuw, kreeg hulp van zijn ook al niet piepjonge dochter en raakte nog meer in de war. De cassière sprong bij en uiteindelijk klopte het bedrag. En toen moesten al die muntjes nog een keer zorgvuldig gesorteerd en in het juiste vakje van de kassalade gedaan worden. Terwijl ze vijfenveertig centen (die hebben ze nog op Curaçao) natelde, keek de cassière verontschuldigend op. "Sorry, heel even nog."
Ik glimlachte. "Doe rustig aan, ik heb geen haast."
Dat verbaasde haar zichtbaar Vermaakt constateerde ik dat ik hier even duidelijk op mijn huidskleur in een hokje geplaatst werd. Helaas vergeten veel Nederlanders hun haastige gedrag thuis te laten als ze naar Curacao reizen.
"Geen haast is goed. Veel mensen worden ongeduldig",  zei ze.
"Ik ga nooit met haast boodschappen doen", antwoordde ik naar waarheid. "Dat geeft veel te veel stress. Ik ben ermee gestopt."
Waarop zij verzuchtte dat ze wou dat iedereen er zo over dacht.

Ja, dat zou ik ook wel willen. Ik las ergens dat ze bij Albert Heijn een proef zijn begonnen met een kassa waar je een praatje kunt maken met de cassière. Dat lijkt me geweldig. Ik vind de sfeer in de meeste supermarkten (vooral bij de AH in de Vinexwijk hier vlakbij) echt rampzalig. Het maakt niet uit hoe laat het is, iedereen had allang ergens anders moeten zijn. En die stress voel je gewoon hangen.

Ik moet toegeven dat ik jaren geleden ook na mijn werk - of nog erger, tijdens mijn lunchpauze -  even snel een supermarkt in sprong en dan ook stond te trappelen van ongeduld bij de kassa. Maar zoals ik al tegen mijn Curaçaose cassière zei, daar ben ik meegestopt. Ik neem tegenwoordig altijd ruim de tijd om boodschappen te doen, zelfs als ik het druk heb. Ik ga er van te voren al vanuit dat het wel even duurt en vind het dus ook niet erg om wat langer in de rij bij de kassa te staan. Meestal laat ik zelfs minstens één persoon met een klein beetje boodschappen voorgaan. Dan heb ik meteen mijn goede daad voor de week ook weer gedaan. Meer dan drie laat ik er niet voorgaan trouwens. Die regel heb ik ingesteld na een heel rare ochtend. Mensen bleven vragen of ze dan ook even voor mochten. En ik blééf de achterste van de rij. Je moet ergens een grens trekken. Maar als er een nieuwe kassa opengaat, blijf ik staan waar ik sta en zie ik wel wanneer ik aan de beurt ben.

Ik kan me er ook niet echt druk om maken als de mensen achter me hoorbaar zuchten omdat ik in hun ogen niet hard genoeg opschiet met inpakken of kleingeld uittellen. Ik doe het zo snel als ik kan. Meestel is dat best snel, maar af en toe door opspelende rugklachten of artritis in mijn handen wat langzamer. Daar kan ik dan ook even niets aan doen.

Voor je nu denkt dat ik echt een toonbeeld van rust ben, moet ik toegeven dat ik deze rust alleen maar kan opbrengen tijdens mijn eigen boodschappenrondje. Als ik met echtgenoot in de rij sta bij de bouwmarkt ben ik wél gestresst. Kan ik me vreselijk opwinden over mensen die achter in de rij stonden en ineens doen alsof ze "de eerstvolgende" zijn. Maak ik me druk om gezeur over niet kloppende prijzen, sta ik te zuchten als iemand moeilijk doet met pasjes die niet werken en voel ik me enorm opgelaten als wij (alweer) een pvc-bochtje zonder prijs hebben meegenomen.
En laten we het over stress in het verkeer maar helemaal niet hebben. Af en toe heb ik de neiging om mijn tanden in mijn stuur te zetten. En het is maar goed dat we sinds kort een andere auto hebben, waarvan ik nog niet weet waar precies de toeter zit.

Ooit, als ik oud (nog ouder) en wijs (ha!) ben, hoop ik altijd en overal de rust zelve te zijn. Het is een mooi streven. Dat wel. Maar ik heb nog veel te leren...
Lees verder ...

{huishoudelijk} Waarom ik geen weekmenu maak (+ tips om minder vaak boodschappen te hoeven doen)



Ik maak nooit weekmenus. Omdat ik altijd tegendraads ben? Ja, dat ook. Als ik op het hele internet lees dat iets moet, ben ik geneigd het juist niet te doen. ;-)
Maar wat weekmenus betreft was ik al afgehaakt voor het hele internet het ontdekte. Het leek mij ook ideaal, dat moet ik toegeven. Precies weten wat je aan boodschappen moet halen, niet hoeven piekeren over wat je moet eten, goedkoper uitzijn, maar eens per week boodschappen doen, meer afwisseling enzovoorts.

Waarom geen weekmenu?

- ik hou niet zo van regeltjes en voorgeschreven dingen. Met een weekmenu voelde ik me te erg vastliggen. Ik werd er gestressd van. Vandaag moeten we macaroni eten, want dat staat op de planning, ook al heb ik zin in hutspot. Nee, niets voor mij.
- het werd (ik heb het twee weken geprobeerd) al snel een irritatiefactor tussen echtgenoot en mij. Want hij wil best af en toe koken, maar dat doet hij alleen als hij er zin in heeft en dan kookt hij ook het liefst nog waar hij zin in heeft. En hij heeft de neiging om van alles een beetje te gebruiken. Dat worden heerlijke gerechten, maar het werkt niet als je alles zorgvuldig gepland hebt.
- ik hou niet van recepten. Ik gebruik ze als inspiratie, maar niet als leidraad. Ik wilde heel graag net zo zijn als mijn grote voorbeelden en met stapels kookboeken bepalen wat we die week gingen eten, maar ik werd er alleen maar chagrijnig van.
- als je van te voren bepaald wat je gaat maken, hou je geen rekening met aanbiedingen en seizoensgroenten. Tenzij je naast al die kookboeken ook nog alle folders en lijstjes met wat er wanneer verkrijgbaar is gebruikt om dat weekmenu op te zetten. Maar:
- dat kost tijd. En energie (voor mij begint het op die manier op administratie te lijken). En die steek ik liever ergens anders in
- paniek in de supermarkt: dat éne ingrediënt dat je écht nodig hebt voor het recept van dinsdag is op. Wat nu? Zoeken in andere supermarkten, nieuw recept uit moeten zoeken... allemaal gedoe.

Maar 1 keer per week boodschappen doen

Het weekmenu wordt vooral gepromoot als manier om minder vaak boodschappen te hoeven doen en dus goedkoper uit te zijn. Ik haal maar eens in de week boodschappen. Zonder weekmenu. Hoe ik dat doe?
Er zijn drie dingen voor nodig:

- basisboodschappenlijst
hierop staan alle dingen die ik het hele jaar door op voorraad houdt of iedere week nodig heb. Ik heb ze gesorteerd staan per winkel (ik doe het grootste deel van de boodschappen bij de Lidl en de rest bij de AH) en min of meer op looproute. Denk aan blikjes tomatensaus, rijst enzovoorts, maar ook verse producten zoals brood en eieren. Voor ik weg ga kijk ik met die lijst in mijn handen de kasten en de koelkast na om te zien wat er op is.

- inzicht in wat ik normaal gesproken gebruik in een week gecombineerd met inzicht in hoe de week eruit gaat zien.
wij eten drie keer per week iets met rijst (meestal wokgroente) en drie keer aardappels/groente/vlees. Dat houdt dus in dat ik drie keer "grote groente" koop (bloemkool, boontjes etc.) en een selectie groenten die ik kan wokken of roerbakken (champignons, uien, paprika, courgette, witlof, prei etc.). Voor vlees geldt hetzelfde: drie keer een "stuk" vlees, drie keer iets wat geroerbakt kan worden (gehakt, kip, spekjes).
Ik koop expres maar voor zes dagen, omdat we meestal toch eens per week buiten de deur (bij familie of restaurant/snackbar) eten. Mocht dat niet zo zijn, dan is er altijd wel iets te combineren met mijn vaste voorraad. Ik heb meestal ook twee zakken voorgesneden groente in de vriezer liggen, die ik gebruik als ik geen tijd of zin heb, maar ook als we onverhoopt toch thuis eten of extra eters hadden.
Als ik van te voren weet dat ik gasten krijg koop ik extra en als ik weet dat ik meer dagen ergens anders eet, koop ik voor minder dagen in (dat lijkt me logisch, maar ik zet het er toch maar even bij).

- inzicht in overschotten van vorige week
zeker nu we maar met zijn tweeën zijn blijft er weleens iets liggen van de week ervoor. Soms in de vriezer (ik deel zakken boerenkool in tweeën bijvoorbeeld), soms in de koelkast (spruitjes zijn vrij lang houdbaar). Ook de wokbare groente gaat niet altijd in een week helemaal op. Bij Lidl koop je vlees in pakketjes van vier stuks en daarvan komt vaak ook de helft in de vriezer terecht. Op mijn lijstje staat dus uiteindelijk voor hoeveel dagen ik groente en vlees moet kopen en wat ik bij moet vullen aan roerbaketen. Op die manier kan ik dus inspringen op aanbod en aanbiedingen, zonder van te voren alle folders te moeten uitpluizen.

Afwisseling in je maaltijden

Ja, maar eet je dan niet voortdurend dezelfde dingen? Die vraag kun je verwachten (want dat is een ander argument om een weekmenu te maken). Maar ik heb daar geen last van. Ik schrijf 's avonds in mijn agenda wat we die dag gegeten hebben. Op die manier weet ik dus wanneer we iets voor het laatst aten. Ik ben er niet heel erg mee bezig, maar gemiddeld komen de meeste gerechten eens per twee á drie weken terug, afhankelijk van wat het precies is. Bovendien varieert wat we eten ook nog met de seizoenen. Stamppot in de winter, rauwkost in de zomer. Verder kun je prima variëren met de manier waarop je dingen klaar maakt of met combinaties van verschillende soorten groente en vlees (met een zak spruitjes doen we twee keer, maar je kunt ze eten met gekookte aardappelen, met gebakken aardappelen, in een roerbakschotel of als stamppot).
Af en toe laat ik me inspireren door een recept wat ik op het internet of in een tijdschrift gezien heb, maar alleen als je daarvoor geen enorme lijst met ingrediënten die ik verder nooit gebruik hoeft in te slaan. Meestal zijn het de combinaties die ik onthoud en op mijn eigen manier gebruik (soep met chorizoworst, zoete aardappel en mais bijvoorbeeld).

Voor mij werkt dit ideaal. Met wat kleine aanpassingen (vanwege nauwelijks vriesruimte, andere producten in de winkel en vaker buiten de deur eten) werkte het op Curaçao net zo goed. Voor mij geen weekmenu dus.

Maak jij een weekmenu? Of doe je meerdere keren per week boodschappen?

Lees verder ...

{creatief} 52 mutsen :: 15 - Bobbeltop 2.0



Ik zat zonder inspiratie en besloot mijn eigen patroon nog maar eens te maken. Omdat ik niet de beschikking over een printer had, gebruikte ik mijn (nogal slordige) notitieboekje. En blijkbaar heb ik verkeerd gekeken, want inplaats van 1 recht, 1 averecht, ben ik 2 recht, 2 averecht gaan breien, terwijl het er toch echt goed staat.
Niet dat het erg is. Ik vind het eindresultaat eigenlijk ook wel leuk. Misschien binnenkort een 2.0 versie van het patroon uitwerken?
Lees verder ...

Dingen waar ik blij van word

- zon en warmte
- buiten breien met mijn benen in de zon
- de was buiten ophangen en dat het dan ook droog is na een paar uur
- buiten eten (elke maaltijd en we hadden ook al de eerste barbecue dit jaar!)
- in de tuin werken (zonder koud en nat te worden)
- buiten klussen (dingen die al een half jaar stil lagen zijn nu echt bijna af)
- bomen die in een week ineens groen zijn
- blauwe lucht
- 's ochtends wakker worden van vogelgeluiden en me dan realiseren dat het niet de wekker is (die doet vogels in plaats van getuut), maar échte vogels (dan vind ik het zelfs niet erg als het nog heel vroeg is)
- lieve en leuke reacties en mailtjes. Bloggen en schrijven zijn eenzame bezigheden, ik ben altijd heel blij als lezers de moeite nemen om contact te leggen. Bedankt daarvoor!

en ook nog: ineens zin hebben om een ouderwets persoonlijk blogje te schrijven en dat dan gewoon doen ook  ;-)





Lees verder ...

in mijn tuin


Eén van de klussen op onze moet-voor-het-huis-in-de-verkoop-kan-lijst (die nog steeds alleen in ons hoofd bestaat, omdat opschrijven betekent dat ik alle details onder ogen moet zien) is de tuin. Daar ben ik van april tot oktober sowieso ieder jaar heel wat uren aan kwijt, maar nu is het extra belangrijk dat het netjes is (even geen experimenten met groente tussen de bloemetjes dus).
Ja, die tuin ga ik wel missen. En dus krijgen jullie de komende tijd een stroom van tuinfoto's. Want nu kan het nog.
Ahem. Ik doe maar even alsof mijn archief niet volstaat met "in de tuin" fotoblogjes. Ik vind het nu eenmaal heerlijk om met mijn camera door de tuin te dwalen en te zien wat er groeit en bloeit. En dat krijgen jullie dan iedere zomer op je blogbord. Mag vast niet van de bloggoeroe's, tenzij ik er allerlei informatie bijgeef. Maar ik heb absoluut geen verstand van tuinieren (ik doe maar wat), dus dat zit er niet in. En ik vind foto's maken van bloemetjes veel te leuk om het te laten.
Wat wil ik hiermee zeggen? Geen idee eigenlijk. Gevolg van teveel nadenken over het hoe en waarom en waar naartoe van mijn blog en dan iedere keer beseffen dat ik steeds terugkeer naar dezelfde soort onderwerpen.
Eigenijk is het ook niet zo ingewikkeld. Moet kunnen toch? Mijn blog, mijn regels. Wie het niet boeiend vindt, slaat deze stukjes maar over.
Dus. Deze week in mijn tuin:








Lees verder ...

{gelezen} Gewoon een goed boek :: Het Armageddon Complot - Andreas Eschbach



Zo'n boek dat je niet weg kunt leggen voor het uit is. Dat is de enige juiste manier om het Armageddon Complot van Andreas Eschbach te omschrijven. Het is een dik boek, maar dat doet er niet toe. Het moest uit en het bleef spannend tot de laatste bladzijde.

Het is niet het eerste boek van Eschbach dat ik las. En iedere keer zeg ik het weer. Eschbach is één van de beste schrijvers van onze tijd. Zo ontzettend jammer dat bijna niemand hem kent.

Het Armageddon complot is min of meer een vervolg op het Messias Mysterie (het eerste boek dat ik van hem las), maar prima te lezen zonder het eerste boek gelezen te hebben) of in mijn geval, zonder je de details van het eerste boek te kunnen herinneren.

Het boek gaat wel over de video die in het eerste boek gevonden werd; een opname waarop Jezus te zien zou zijn. Ja, dat lees je goed. Het klinkt ongeloofwaardig, maar Eschbach kan zo goed schrijven dat je volledig accepteert dat er een tijdreiziger is geweest die 2000 geleden opnames gemaakt heeft die vervolgens gevonden zijn bij een archeologische opgraving. Want de tijdreiziger is nooit meer teruggekomen in zijn, waarschijnlijk onze, tijd.
Een zeer rijke en zeer extreem christelijke man heeft de video in zijn bezit, maar weigert ernaar te kijken. Ook zijn zoons, Isaak en Micheal verbied hij te kijken. Wel probeert hij al zijn geld en invloed aan te wenden om te zorgen dat het mogelijk wordt dat iemand uit onze tijd terugreist om de video te maken. Het verhaal volgt vooral Michael die nauw betrokken wordt bij het project omdat zijn broer verdwijnt. Daarnaast leven we mee met John Kaun, die in het vorige boek een medogenloze zakenman was die jacht maakte op de video, maar door het kijken van de beelden totaal veranderde. Hij leeft nu eenvoudig, met een vrouw waar hij oprecht van houdt en is dol op zijn dochtertje, maar als dat eenvoudige leven een dramatische wending krijgt wordt hij toch weer betrokken bij de video en alle intriges die eromheen hangen.
Het is lastig om verhaallijnen te bespreken zonder teveel weg te geven, want Eschbach is een meester in het neerleggen van details en omwegen die pas later allemaal een reden blijken te hebben.
Eén ding kan ik nog wel noemen: de titel van het boek verwijst naar de voorspellingen dat er eerst een wereldoorlog plaats zal moeten vinden voor Jezus terugkomt. Die oorlog zal beginnen in Armageddon, een plaats in het Midden-Oosten. Hoe ver wil een invloedrijke, extreem in de eindtijd gelovende christen gaan in zijn verlangen naar die terugkomst? Dat is één van de briljante en goed beschreven invalshoeken van dit verhaal.

Wat ik ook erg knap vind, is dat Eschbach sommige hoofdpersonen wel laat twijfelen over hun geloof of dat van anderen, maar nergens echt in de aanval gaat, zoals dat in een boek als dit zo gemakkelijk zou kunnen gebeuren. Hij beschrijft heel goed wat mensen doen en wat hen drijft, maar lijkt er geen oordeel over te hebben. Bovendien laat hij op een heel natuurlijke manier in het midden wie of wat Jezus nu eigenlijk precies was, al is het duidelijk dat hij wel een bijzonder persoon was. Maar kwetsend of anti wordt het (voor zover ik dat kan beoordelen) nooit.
Ik wilde schrijven dat dit boek dus een aanrader is voor iedereen die van dit soort boeken houdt. En wist toen eigenlijk niet hoe ik dit soort boeken moest omschrijven.
Actie? Niet extreem, maar zeker aanwezig. Mysterie? In meerdere verhaallijnen zelfs. Historie? Ook. Religieuze thriller? Ja. Science fiction? Ook een beetje. Het is van alles wat.
Gewoon een goed boek dus.



(deze post bevat één of meerdere affiliatelinks, kijk hier voor meer informatie daarover)


Lees verder ...

{creatief} 52 mutsen :: 14 - Pastelstreep



Ik heb het volgens mij al eerder gezegd; dit soort mutsen ga ik steeds leuker vinden. Om te dragen (maar dat zal binnenkort niet vaak meer nodig zijn), maar ook om te maken. Zeker om restjes te verwerken is het ideaal. Je breit gewoon door tot je garen op is, of tot de bovenkant lang genoeg is (want je kunt overdrijven met de loze ruimte op je hoofd - vind ik). In dit geval had ik toch nog wat garen over, dus ik denk dat ik nog maar zo'n muts moet maken. Het is trouwens ook een heerlijk "patroon" (want dat is het dus niet echt) als je te moe bent om echt na te denken bij wat je doet.

Wat ik gedaan heb: 80 steken opgezet met naald 4 (dit was garen Julia van Zeeman), ribbelsteek  3 recht, 1 averecht, 2 recht, 2 averecht. Na ongeveer 10 cm meerderen (3 steken recht, dan 1 steek twee keer breien - je hebt dan 100 steken op je naald) vanaf dat punt alleen maar recht en kleuren wisselen wanneer dat uitkwam.
Toen de bovenkant lang genoeg was heb ik een "snelle afwerking" gedaan - afwisselend een ronde 2 steken samenbreien en een ronde gewoon recht breien tot er minder dan 10 steken over zijn.
Lees verder ...

{column} Koude douche


Ik stond uitgebreid onder een lauwe douche (na een paar dagen oppervlakkig poedelen wegens geen zin in koud water) en bedacht dat ik vanavond heerlijk schoon in mijn schone bed zou stappen. Want ik had die ochtend de lakens in een emmertje laten weken, vervolgens twee keer gespoeld in datzelfde emmertje (met schoon water natuurlijk), met de hand uitgewrongen en aan de lijn gehangen. Het was een winderige, maar gelukkig droge dag en die lakens waren, ondanks dat ik ze druipend ophing (mijn handen zijn niet zo sterk) al helemaal droog.

En toen ik dat bedacht had, realiseerde ik me dat luxe tegenwoordig behoorlijk onderschat wordt.

Inderdaad. Ik zeg onderschat. Niet overschat.

Onverwachte wending?

Dat is dus precies wat ik bedoel. Ik lees steeds vaker opgewonden tirades over hoe onnodig al onze electrische aparaten zijn en hoe geweldig het eenvoudige, simpele leven van onze voorouders moet zijn geweest. Meestal aangevuld met nog heftigere pleidoois voor zuinigheid en wèg van alles wat onze moderne beschaving kenmerkt.

Gedeeltelijk ben ik het daar wel mee eens. We slaan wel eens een beetje door tegenwoordig. Vooral smartphones vind ik enge dingen. Overal zijn apps voor en voor je het weet heb je zo'n ding ingebouwd in je lijf omdat je hem toch al altijd in je handen had. Brr.

Maar om nu zo lyrisch te doen over leven zonder enige luxe? Dat is weer de hele andere kant.
Ik heb me op Curaçao prima gered, dat is het probleem niet. Ik heb zes weken achter elkaar alles gewassen in dat emmertje. Als je voorgaande periodes in Curaçao en diverse kampeervakanties meetelt in totaal zelfs meer dan een jaar. Lauwe douches zijn ook echt niet slecht voor een mens en als je jezelf eenmaal zover hebt gekregen dat je er onder staat is het best lekker. Echt vreselijk missen deed ik mijn luxe aparaten in Nederland niet.

Maar om heel eerlijk te zijn was het toch wel heerlijk om in Nederland onder een warme douche te staan. Het was nog heerlijker om in mijn ligbad te stappen. En ik vind het toch wel erg prettig om mijn vuile was simpelweg in een machine te stoppen die het zware werk voor me doet.
Een boiler en een wasmachine staan toch wel heel hoog op het lijstje van dingen-die-we-gaan-kopen-als-we-definitief-op-Curaçao-zijn.
Want soms is die luxe gewoon gemakkelijk en is gemakkelijk gewoon fijn.

En ik geloof niet dat ik daar nou zoveel slechter van wordt, ondanks dat een groot deel van het internet (in ieder geval het deel waar ik meestal terechtkom) dat tegenwoordig beweert.

Ik vind trouwens dat deel van het internet bijzonder zuur de laatste tijd. Zuur en veroordelend. Vreselijk negatief over mensen die anders leven dan zij, terwijl ze zelf het idee hebben dat ze o zo goed bezig zijn. Ik begrijp op zich wel waar het vandaan komt. Als je kiest voor een alternatieve levensstijl, moet je jezelf heel vaak verdedigen. Maar het lijkt wel door te schieten naar de andere kant. Aanval is de beste verdediging, zeggen ze, maar daar ben ik het lang niet altijd mee eens. Het wordt er allemaal niet gezelliger op.
Ik reageer meestal gewoon niet op dat soort stukjes, want dat veroorzaakt alleen maar overloze discussies en daar ben ik geen held in.

Maar dit is wat ik zou willen zeggen, tegen al die minimalisten, consiminderaars, no-spenders, simpel levenden, mindfulle mensen en weet ik veel hoe ze zich zelf noemen:

Doe wat je wil.
Eet van maar een paar euro per week, donder al je overbodige spullen het huis uit en gooi de rest er achter er ook maar achter aan, koop een maand, een jaar of een decennium niets nieuws meer, maak en repareer alles altijd zelf, kook nooit uit pakjes, gebruik geen shampoo, koop alles tweedehands (alleen als je het écht nodig hebt natuurlijk), leef zoals men honderd, tweehonderd of zesduizend jaar geleden leefde, stop met werken, los je huis af, ga in een schuurtje wonen, bak je eigen brood, doe aan yoga, mediteer, sta om vier uur op, kweek je eigen groente, hou je eigen kippen, draag je kinderen in een draagzak en geef ze de borst tot ze naar de kleuterschool gaan...

Weet ik veel. Ik vind het allemaal prima. Van mij mag je. Van mij mag iedereen leven zoals hij of zij dat wil, zolang dat een ander niet schaadt.
Sterker nog, ik vind het fijn als je erover blogt, want dat soort dingen is leuk en vaak zelfs inspirerend om te lezen.

Maar alsjeblieft, laat mensen die het anders doen in hun waarde. Zo'n leuk en inspirerend stukje dat ineens heel naar gaat doen over mensen die wel werken, spullen kopen, van luxe houden en misschien iets minder gezond en duurzaam eten werkt op mij als een ijskoude douche. En dan niet van het soort waar je aan went.
Bovendien vind ik het jammer voor jezelf.
Want wat heb je aan al die prachtige denkbeelden over hoe het leven geleefd zou moeten worden, als je alleen maar neer kunt kijken op je even prachtige medemens die toevallig andere keuzes maakt in datzelfde leven?
Volgens mij mis je dan iets heel belangrijks...
Lees verder ...

Bye Bye Facebook?

 

Op mijn lijstje met blogideeën staat al maanden: "waarom ik geen facebook (meer) heb".
Sterker nog, ik ben ooit al aan een artikel daarover begonnen, maar dat heb ik uiteindelijk weer gewist omdat ik besloot er toch maar niet over te publiceren.
Helaas, want veel van wat ik daar schreef, is inmiddels wereldnieuws. Dat hoef ik dus ook niet allemaal te herhalen. Tenzij je onder een steen geleefd hebt de afgelopen maanden (wat op zich best prettig kan zijn, trouwens) weet je wel dat Facebook het niet zo nauw neemt met privacy en integriteit. Wat ik al een enorm belangrijk punt vind.

Censuur en propaganda

Het feit dat Facebook bepaalt wat je te zien krijgt, niet alleen aan advertenties, maar ook op het gebied van nieuws en informatieve berichten is voor de meeste mensen ook geen verrassing meer. Daar hoef ik dus ook niet heel diep meer op in te gaan. Eén ding wil ik nog wel even heel duidelijk neerzetten: dit soort praktijken noemen we propaganda en censuur als we het hebben over landen die geregeerd worden door dictators, terwijl iedereen het van Facebook gewoon accepteert. Is dat niet vreemd?

Daarnaast had ik meer persoonlijke redenen, maar ik kom ze regelmatig tegen in artikelen over Facebook, dus ik weet dat ik niet de enige ben die hier last van heeft:

Tijdverspilling

Ik kon mezelf nog zo duidelijk voorhouden dat ik alleen even een linkje naar een blogpost ging neerzetten en eventueel ging reageren op een paar mensen die echt belangrijk voor me waren, maar in de praktijk bleef ik veel te lang hangen. Zo zonde van mijn tijd.

Verslaving

Ik ben een paar keer weggegaan van Facebook en dan toch weer teruggekomen met het idee dat ik zelf in de hand had hoe ik ermee om ging. Je hoeft niet alles van iedereen te lezen, tenslotte. En je hoeft ook niet ieder uur of zelfs vaker te kijken of er updates, reacties of likes zijn. Maar ik deed het wel.

Verplichting

Ik was al een tijdje klaar met het persoonlijke deel van Facebook. Vrienden die alleen maar weten dat je jarig bent omdat Facebook ze dat vertelt en dan met één druk op de knop een felicatie sturen, zijn geen vrienden in de echte zin van het woord. Vind ik. Mensen die paniekerig berichtjes sturen omdat je niet binnen een uur reageert, terwijl ze ook je e-mailadres en zelfs je telefoonnummer hebben, willen je blijkbaar toch niet echt bereiken. Enzovoort. Dat hoefde van mij al niet meer zo erg.
Maar "men" bleef erop hameren dat Facebook het enige echte middel was om mijn boeken en mijn blog te promoten. En dus nam ik toch maar weer een account. Om er vervolgens achter te komen dat Facebook alleen maar werkt als je heel veel berichten plaatst, reageert en liket. Mijn sporadische berichten werden door niemand gelezen. Zelfs weggeefacties werden grotendeels genegeerd. Om voordeel van Facebook te hebben, moet je blijkbaar je ziel verkopen en dat vertik ik.

Vergelijking

Sowieso mijn grootste valkuil, maar dat werd door Facebook enorm versterkt. Een groot deel van mijn Facebookvrienden waren collegaschrijvers en collegabloggers, die natuurlijk vooral hun successen (goede recensies, grote stappen in hun schrijfproces, mooie kansen op allerlei gebieden) deelden. Ik wist dat het een vertekend beeld gaf, maar vergeleek toch mijn eigen resultaten met dit soort berichten. Heel slecht voor mijn zelfvertrouwen.

World domination?

De allerbelangrijkste reden was echter Mark Zuckerberg zelf. Zijn mission statement bezorgde me de kriebels.
"Building a global community" Het klinkt mooi, maar willen we dat onze wereldwijde gemeenschap eigendom is van één man, die al bewezen heeft het niet zo nauw te nemen met privacy en integriteit? Ik vond het een eng idee. Deed me denken aan deze scene uit een van mijn lievelingsfilms.


(later toegevoegd: dit nieuwsbericht sluit hier wel prachtig op aan. Mark moest al sorry zeggen voor zijn eerste privacyschandaal toen hij 19 was, maar is daarna vrolijk doorgegaan met grenzen verleggen op dat gebied)

Gestopt

En dus stopte ik begin mei 2017 helemaal met Facebook. Waar ik om precies te zijn één reactie opgekregen heb, een half jaar later (maar ik vermoed dat die persoon me ergens voor nodig had, me een berichtje wilde sturen en er daardoor achterkwam dat ik geen Facebook meer had). Verder was het blijkbaar niemand opgevallen of vond men het teveel moeite om contact te houden via andere kanalen (mijn website en e-mailadres zijn gemakkelijk te vinden en veel "vrienden" hadden ook mijn telefoonnummer en zelfs mijn huisadres).
Heeft het invloed gehad op mijn leven? Gedeeltelijk. Ik vind het vooral veel gemakkelijker zonder Facebook, want ik hóéf niet meer en dat is heerlijk. Ik heb niet echt het gevoel dat ik iets mis aan contacten en informatie. Heel soms denk ik: "tja, dat is zeker via een oproep op Facebook geregeld", maar echt belangrijk is het meestal niet.
Ik ben wat contacten kwijtgeraakt, dat klopt, maar ik moet toegeven dat ik door allerlei omstandigheden zelf ook geen moeite heb gedaan om sommige contacten op andere manieren aan te halen en ik vermoed dat bij een aantal van deze mensen soortgelijke problemen speelden (maar dat weet ik niet, want dat lees ik dus niet meer op Facebook). Ik betwijfel of Facebook daar echt iets aan veranderd zou hebben.

Informatie

In het afgelopen jaar kwam er steeds meer boven water. Ik was begonnen met berichten verzamelen om mijn punt te maken in een artikel als dit.

Dit bericht bijvoorbeeld legt uit dat die verslaving waar zoveel mensen last van hebben er bewust ingebouwd is: Facebook buit kwetsbaarheid van mensen uit
en dit is ook een mooie: How Facebook is changing your internet

Maar op dit moment is het niet nodig om lijsten met links te plaatsen. Open een willekeurige nieuwssite en zoek op Facebook. De berichten over privacyschendingen en schandalen vliegen je om de oren.

Bovendien heeft iemand anders het werk al gedaan dat ik had willen doen en hij kan het vele malen beter uitleggen. Mocht je nog denken dat het allemaal wel meevalt, of het idee hebben dat je zelf beslist wat Facebook van je weet, kijk dan vooral dit filmpje.



Zou het niet geweldig zijn als al die mensen die nu aangeven mee te doen met "bye bye facebook" (toen ik daarnet even keek op byebyefacebook.nl - die url gaat naar een facebookpagina - waren het er 23.000) inderdaad allemaal morgenavond om 8 uur hun facebookaccount deleten en dan ook echt wegblijven bij Facebook? Ik geloof oprecht dat de wereld daar beter van wordt. En dan maar hopen dat die andere 2 miljard gebruikers hun voorbeeld volgen...


p.s. ik heb dus ook geen Whatsapp of Instagram, want dat is eigendom van Facebook en wordt ongetwijfeld op dezelfde manier misbruikt
p.s. 2 naar aanleiding van vragen hierover: wij gebruiken Telegram in plaats van Whatsapp. Niet van Facebook, geen verborgen agende en veel beter beveiligd, maar verder dezelfde mogelijkheden (groepen, spraak etc.)

Zit jij nog op Facebook? Wat vind jij van alle ophef?

Lees verder ...

{creatief} 52 mutsen :: 13 - Zigzag in twee kleuren



Eigenlijk vreemd, maar in al die jaren breien had ik nog nooit geprobeerd met twee kleuren te breien. Fair Isle noemen ze dat, geloof ik. Geen idee of er een Nederlandse term voor is.
Ik vond de patronen waar het in voorkwam altijd bijzonder intimiderend overkomen en liet het dan maar weer zitten. Maar nu wilde ik het toch echt eens doen, dus deed ik wat ik altijd doe: ik improviseerde maar wat. Een eenvoudig zigzagstreepje met twee kleuren. Meer is het niet.
En nee, het is niet perfect. Ik had op sommige plekken wat problemen met de draad los genoeg meenemen achter de andere steken langs. Bovendien had ik er niet bij nagedacht dat dit soort breiwerk natuurlijk minder rekbaar is dan gewoon breiwerk, dus voor mij is de muts te klein. Het is een kindermaatje, denk ik.
Maar ik ben er toch blij mee. Want dit opent een hele nieuwe wereld van mogelijkheden!
Lees verder ...

Drie op Donderdag :: in mijn tuin

Ik had verwacht thuis te komen in een overwoekerde wildernis, maar door de strenge winter viel het mee. Eigenlijk zag de tuin er nog best redelijk netjes uit. Inmiddels begint het toch tijd te worden dat ik er aandacht aan besteed. Niet alleen omdat het belangrijk is voor de verkoop van ons huis, maar ook omdat ik het zelf fijn vind als de tuin er verzorgd uit ziet. Gelukkig vind ik het ook fijn om in de tuin te werken (als het weer een beetje lekker is, tenminste), dus dat komt goed uit.

Drie lenteverrassingen die ik vorige week al in de tuin vond:



Lees verder ...

{schrijftips} Taalfouten in je manuscript, is dat erg?


Goed, ik knal het er meteen maar even in: ja, dat is erg. Het staat onzorgvuldig en het is voor zowel uitgevers als lezers een reden om je manuscript niet te lezen.
Als taal je gereedschap is, moet je het wel op de juiste manier gebruiken. Anders ben je misschien best een leuke hobbyist, maar ver kom je er niet mee.

Even nuanceren

Ik ben geen taalpurist en ik ben ook niet van de taalpolitie. Iedereen maakt fouten. In ieder boek vind je uiteindelijk nog wel ergens een klein foutje, hoe zorgvuldig de schrijver en de redacteur(s) ook zijn geweest. Dat kan ook niet anders. Een boek is minstens 50.000 woorden. Als je een foutmarge van één promille neemt (wat in andere vakgebieden echt belachelijk laag zou zijn) staan er nog 50 foute woorden in, maar dat komt eigenlijk zelden voor. Gemiddeld zijn het er een stuk of tien.
Ik vind het dan ook meestal onnodig om dat soort foutjes te noemen in een recensie of boekbespreking, tenzij het boek echt uitzonderlijk slordig is geredigeerd.
Daar komt bij dat ik op discussievoerend internet sowieso te vaak zie dat mensen aangevallen worden op taalfouten, terwijl er niet ingegaan wordt op inhoudelijke zaken. Dat slaat simpelweg nergens op. Zolang het duidelijk is wat iemand bedoelt, moet je daar niet over zeuren, vind ik.

Maar toch...

Als je schrijver wilt worden (of zijn) is spelling wél belangrijk. Zoals ik hierboven al zei: taal is je gereedschap. Men mag verwachten dat je weet hoe je het moet gebruiken.
Voor een uitgever valt een manuscript met teveel opvallende spelfouten al direct af. Overigens niet alleen omdat het een slechte indruk geeft, maar ook omdat er dan extra redactie overheen moet. Dat kost tijd en dus geld. Die moeite neemt een uitgever niet, zeker niet voor een beginnende schrijver.
Als je je eigen boeken uitgeeft, sla je dat probleem over. Maar je hebt nog steeds te maken met die eerste indruk. En nu niet bij de tussenpersoon - de uitgever - maar bij de lezers. Juist de mensen die niet alleen veel lezen, maar ook daadwerkelijk boeken kopen (daar moet je het tenslotte van hebben), haken snel af als een eerste doorbladersessie al allerlei spelfouten aan het licht brengt. En aangezien je het zeker als zelf publicerend schrijver toch van de recensies moet hebben is het jammer als spelfouten het opvallendste aspect van je boek zijn, want dat zal zeer zeker genoemd worden in hun bespreking (zoals ik al zei, het wordt zelfs regelmatig onterecht als minpuntje aangemerkt).
Dit geldt dus ook voor inzendingen voor schrijfwedstrijden. Grote kans dat de jury niet verder kijkt dan de eerste slecht gespelde zinnen, hoe goed je verhaal verder ook is.

Dus: goed nakijken

1. Gebruik een spellchecker. Groot voordeel van de hedendaagse techniek. De ergste spelfouten haalt dat ding er voor je uit.

2. Lees je manuscript meerdere keren heel goed door en probeer woord voor woord te lezen, zodat je spelfouten niet over het hoofd ziet. Een goede tip is om het lettertype zo groot te zetten, dat je niet meer in het verhaal terecht komt, maar werkelijk de woorden leest. Ik heb ook weleens gehoord van redacteuren die begonnen op de laatste bladzijde en dan naar voren lazen. Doe ook niet alles tegelijk, want je wordt blind voor je eigen fouten. Steeds een paar bladzijden werkt beter.

2a. Maak een lijstje met je eigen valkuilen en gebruik de zoekfunctie van je tekstverwerker om daar extra op te controleren. Ik vergeet bijvoorbeeld nog weleens de t achter hij vindt en hij wordt. Dat controleer ik dus extra.

2b. Bij twijfel: opzoeken. www.woordenlijst.org heeft het groene boekje online staan. Op taaladvies.net kun je zoeken naar grammaticale en andere taalvraagstukken.

3. Vraag hulp. Zeker als spelling niet je sterkste kant is, maar eigenlijk geldt het voor iedereen. Je ziet sommige dingen gewoon niet. Ik laat mijn boeken altijd eerst lezen aan mijn dochters (waarvan er één Neerlandicus is en bovendien jarenlang redactiewerk gedaan heeft) en stuur mijn manuscript pas naar mijn redacteur als ik denk dat alle fouten eruit zijn. Bovendien ben ik behoorlijk goed in spellen (ik doe ook redactiewerk voor anderen). En dan krijg ik toch nog een lijst vergissingen terug...
Professionele hulp kost geld, maar als je goed wilt overkomen is dat het toch echt wel waard.

Ja maar, ik ben dyslectisch

Dat argument lees ik wel vaker. En doen bedoelt men dat spelfouten maar gewoon geaccepteerd moeten worden. Maar ik vind het een raar argument. Dyslectisch zijn is geen schande, absoluut niet. En het is ook geen reden om niet te schrijven. Ik ken dyslectische mensen die heel goed kunnen schrijven en het zou zonde zijn als hun verhalen nooit gelezen zouden worden.
Maar het is wel lastiger om er iets mee te doen voor dan voor iemand met een aangeboren gevoel voor spelling. Als je echt wilt schrijven (en publiceren) is het wel degelijk -hoe naar dat ook klinkt- een handicap. En dus zul je gebruik moeten maken van hulpmiddelen. Alles wat ik hierboven noemde, geldt dus ook voor iemand met dyslexie. Je wilt tenslotte dat mensen je boek waarderen om dat ze je verhaal goed vinden en niet omdat het knap is dat je ondanks je dyslexie zoveel woorden achter elkaar hebt getypt. Lijkt mij.

Samenvattend: Blijf realistisch, vergissen is menselijk, maar doe wel je best om zo min mogelijk fouten in je manuscript te laten zitten. Je kunt maar één keer een eerste indruk maken.

p.s.  Hulp nodig bij het nakijken van je manuscript, verhaal of scriptie? Mail me voor een prijsopgave.
Lees verder ...

{creatief} 52 mutsen :: 12 - Iets Anders



De titel zegt eigenlijk alles: toen ik aan deze muts begon, wilde ik eens iets anders. Vandaar de ribbelsteek rand en de verticale strepen. Die laatste hielden het breien interessant en ik vind het zelf ook wel iets toevoegen aan het eindresultaat, eigenlijk. De ribbelrand zit heerlijk comfortabel trouwens.
Dit is echt zo'n muts die ik nog wel vaker wil gaan maken.
Lees verder ...