{opruimen} voorraad breiwol

Toen ik ruim tien jaar geleden echt enthousiast aan het breien sloeg, werd mijn voorraadje wol al snel een opruimprobleem. Het begon met een plankje van de huiskamerkast, nam daarna de meerdere planken in beslag en dreigde zelfs de hele kast over te nemen. Tot ik last kreeg van mijn handen en die enorme berg wol niet meer kon zien als een fijn bezit (want zoveel projecten om uit te kiezen), maar als een last (ik heb er zoveel geld aan uitgegeven, dus ik moet dóór).
Bij het verkleinen van een voorraadhobbyspullen moet je de juiste vragen stellen. "Vind ik dit mooi?" is niet de juiste vraag. Meestal is het antwoord "ja", want anders zou je het niet gekocht hebben. Wat beter helpt is "Ga ik hier binnen een (drie/vijf) jaar iets mee doen?"
Mijn voorraadje is op dit moment vrij beperkt, maar nog steeds aanwezig.
Op dit moment (het wisselt nog wel eens) bewaar ik mijn wol in een voetenbankje met opbergruimte van Ikea (deze). 



Ik bewaar de bolletjes (ik heb veel restjes die ik bij de kringloop koop) gesorteerd in diepvrieszakken. Die van 3 liter van Lidl werken perfect. Ik geef toe, mooi staat het niet, maar mijn wol is op deze manier beschermt tegen vuil en motten en raakt niet in de knoop als ik iets zoek.


Bovendien zie je er toch niets van als het deksel erop ligt.


Het project waar ik mee bezig ben bewaar ik in een mand die naast mijn stoel staat, dan kan ik er altijd gemakkelijk bij. Het roze etuitje kreeg ik van een internetvriendin en bevat een schaar, een pen en wat andere kleine breibenodigdheden. Het mooie notitieboekje gebruik ik om (min of meer) bij te houden wat ik brei en hoe.

Waar en hoe bewaar jij je breivoorraad?

{gelezen} Matilda's laatste dans van Tamara McKinley


Boeken over Australië trekken altijd mijn aandacht, zeker als de kaft die bijzondere kleur rood heeft, die voor mij onveranderlijk bij dat land hoort. Waarom? Tja, als de immigratiewetten een tikje minder streng waren geweest, had ik daar nu al ruim twintig jaar gewoond met mijn gezin. Maar helaas. Het mocht niet.
We zijn er één keer geweest, rond de eeuwwisseling. Eerst het vuurwerk in Sydney en daarna met drie (jonge) kinderen en een grote camper de outback in, van Sydney naar Adelaide en van Adelaide naar Alice Springs. Ik heb de afgelopen jaren een hoop van de wereld gezien, maar dat is en blijft de reis van ons leven. Ooit gaan we terug en maken we het rondje af (van Alice Springs naar Darwin en dan langs de kust terug).

Mijn blik viel dus direct op dit boek in een grote doos boeken die bestemd was voor de kringloop en na het lezen van de samenvatting op de achterkant besloot ik het eruit te halen om eerst zelf te lezen.
Het verhaal loopt langs twee tijdlijnen en gaat gedeeltelijk over de geschiedenis van Matilda, die zich afspeelt in de eerste helft van de vorige eeuw en gedeeltelijk over Jenny in de jaren zeventig.
Matilda heeft een zwaar en heftig leven. Haar moeder overlijdt als ze veertien is en haar vader niet veel later. Ze erft de boerderij waar ze wonen van haar moeder en hoewel haar buurman van alles probeert om haar over te halen de grond aan hem te verkopen, lukt het haar om de boerderij, Churinga, levensvatbaar te maken en te behouden.
Jenny is weduwe en erft Churinga van haar man, terwijl ze niet eens wist dat hij de boerderij gekocht had. Ze besluit naar de Outback te gaan om haar erfenis te bekijken en terplekke te besluiten wat ze ermee wil doen.
In de boerderij vind ze de dagboeken van Matilda. Ze begint ze te lezen en wordt erdoor geboeid en meegesleept, soms tot in het extreme. Bedrijfsleider Brett Wilson zou graag op de boerderij blijven, maar beseft dat zijn lot in Jenny's handen ligt, want de potentiële kopers zouden hem waarschijnlijk ontslaan.
Heden en verleden raken steeds verder vermengd als Jenny kennismaakt met Matilde's oude vijand die nog steeds op een naburige boerderij woont. Er groeit iets tussen Brett en haar, maar ook daar ontstaan de nodige moeilijkheden.

Ik zat met dit boek direct weer heerlijk in de outback, ondanks dat we alleen maar lángs de grote "stations" (boerderijen) gereden zijn en niet echt kennis hebben gemaakt met het leven op een schapenboerderij. Op de voorkant staat "een wonderschone roman waarin de kleuren, geuren en klanken van Australië op magische wijze naar buiten komen". Ik denk dat dat helemaal klopt, al moet ik er wel bij vermelden dat het niet allemaal wonderschoon en magisch is. De schrijfster weet ook heel goed de minder mooie kanten van Matilda's leven te beschrijven en de ontknoping van de roman gaf me een beetje een naar gevoel. Aan de ene kant een prachtige, dramatische wending, die ik pas in de laatste hoofdstukken enigszins zag aankomen, aan de andere kant toch een beetje té ver gezocht en naar mijn smaak iets té dramatisch. Maar ik weet zelf ook hoe moeilijk het is om daar de juiste balans in te vinden. Bovendien is het wel een einde waar het hele boek al naartoe gewerkt wordt.
Toch een aanrader dus. Zeker als je van Australië houdt, maar ook als je gewoon een goed, boeiend levensverhaal wilt lezen.



 (links naar bol.com zijn partnerlinks
= kleine vergoeding voor mij als je via die link bestelt, geen extra kosten voor jou)

{opruimen} hoe ruim je een volgestouwde grote kast op?


Als je op pinterest of ergens anders op het internet zoekt naar tips over het opruimen van kasten is het meest voorkomende startpunt: haal alles eruit.
Tja...

Daar ben ik het dus niet mee eens. Wel als we het over een nachtkastje hebben. Of over het laatje van een bijzettafeltje natuurlijk. Maar dit wordt ook gezegd over het opruimen van een volgroeide huiskamerkast of een grote voorraadkast in de keuken.

Ik heb het zien gebeuren.
Vreseljk rommelige kast, maar heel graag willen opruimen.
Enthousiast de kast leeghalen. Heel de kamer (of keuken) vol met spullen. En dan?
Paniek. Het gevoel niet meer verder te kunnen.
In het beste geval wordt de inhoud van de kast dan maar weer nog rommeliger dan het ooit was teruggepropt waar het vandaan kwam. Maar het komt ook voor dat de rommel weken later nog verspreid ligt.

Logisch, want als je van nature georganiseerd bent was je kast nooit zo rommelig geworden. Of je had (zoals ik) gegruweld van het idee om al die rommel te verspreiden over zichtbare plekken. Het zat niet voor niets allemaal in de kast gepropt.

Mijn manier:

Kijk eerst eens wat er in die kast ligt. Zonder er al te veel uit te halen dus.

Bedenk wat er niet hoort. Heb je schoenen in je huiskamerkast gepropt omdat er bezoek kwam en je ze uit de weg wilde hebben? Stapels oude kranten die eigenlijk gewoon weg kunnen? Een paar pakken koekjes in de servieskast?

Haal die dingen er uit en leg ze waar ze horen. Waarschijnlijk zie je steeds nieuwe dingen die eigenlijk ergens anders horen. Haal ze eruit en breng ze naar de goede plek.

Ik weet het, dat druist weer in tegen een hoop andere adviezen. Want je blijft heen en weer lopen en dat is niet efficient. Zal best. Het is ook absoluut een mogelijkheid om al die spullen tijdelijk in een doos, wasmand of iets dergelijks te leggen en ze later op te ruimen. De vraag is alleen of je dat ook gaat doen. Grote kans dat die doos er volgende week nog staat. Ja toch?
Ik vind zelf heen en weer lopen geen probleem. Ik heb geen sportschool nodig omdat ik met het huishouden alleen al genoeg beweging krijg ;-)
Als teveel lopen echt een probleem is, raad ik aan stapels te maken die je dan in één keer op kunt ruimen. Maar zorg dan wel dat je soort bij soort houdt, zodat je het alleen nog maar weg hoeft te brengen.
Eigenlijk komt het erop neer dat je de chaos in je kast niet mag verplaatsen naar buiten de kast. Met mijn methode ben je van het begin af aan de chaos aan het verminderen.

Als er zo te zien geen spullen meer in je kast liggen die er niet horen, volg je dezelfde manier van denken, maar dan per plank. Ik stel me nu even zo'n heerlijke huiskamerkast uit de jaren zestig voor. Ingebouwd, acht planken en volgestouwd met alles wat nergens anders een plekje kon vinden.

Als die kast nooit georganiseerd is geweest, is het nu tijd om te bedenken wat er allemaal in bewaard moet worden en op welke plank je wat gaat neerleggen. Geen paniek, dat hoeft niet gedetailleerd en je kunt alles later nog verschuiven. Maak je niet druk met schema's, lijstjes en overzichten.

Het is bijvoorbeeld logisch om je administratie ergens bovenin (maar wel bereikbaar) neer te zetten. Kies de plank die je daarvoor wilt gebruiken en haal alles wat niet in die categorie valt weg, maar sorteer die spullen wel meteen op soort. Maak bijvoorbeeld een stapel van alle spelletjes, leg de kaarsen en kaarsenstandaards bij elkaar en gooi alle restjes breiwol op een hoop.

Haal nu alle dingen in de categorie administratie van de andere planken en zet het min of meer netjes neer. Ga nog niet voor de perfecte indeling van die plank, want je weet nog niet precies wat je allemaal gaat vinden.

Werk op deze manier alle planken van de kast en alle categorieën van spullen af. Misschien heb je meer categorieen dan planken en zul je moeten combineren. Geen probleem, als het maar overzichtelijk blijft.
Vergeet niet de uitgezochte stapels die uit de kast zijn gekomen op de juiste plank te zetten zodra je daarmee bezig bent.

Als het goed is, heb je na een tijdje een redelijk opgeruimde kast en weet je ongeveer waar je alles kunt vinden. Nu kun je plank voor plank echt netjes op gaan ruimen. Doe die breiwol in een mandje, stapel de spellen op grootte, maak bakjes en mapjes voor je administratie, dat soort dingen. Maar dat is eigenlijk weer een onderwerp voor een nieuw artikel ;-)

{opruimen} voorraadkast

Ik volg behoorlijk wat blogs van organizers en andere opruimfreaks, maar ik verbaas me vooral altijd over de manier waarop ze de voorraadkasten aanpakken. Nu zijn de meeste van de bloggers Amerikanen, dus die hebben enorme kasten en zeuren dan over "limited space". Waarna ze nog meer ruimte laten verdwijnen door alles in leuke mandjes op te bergen. Toegegeven, het ziet er mooi uit, maar ik vind het persoonlijk niet zo handig.
Mijn voorraadkast is een onderkastje in mijn keukenblok en het is over het algemeen redelijke georganiseerd, maar dan zonder mandjes en bakjes.


Bovenstaande foto is wat ik rommelig noem (tot groot vermaak van sommige dochters). Dit gebeurt zo af en toe, maar het irriteert me mateloos.
Mandjes en bakjes zouden hier niet helpen, want het probleem is niet dat ik niet weet waar alles hoort. Ik neem simpelweg niet altijd de tijd om mijn boodschappen op de juiste plek op te ruimen. Als er dan ook nog een echtgenoot op zoek gaat naar ingrediënten of snacks krijg je bovenstaande puinhoop.
De simpele oplossing is rijtjes maken en de tijd nemen om het systeem te onderhouden.


Opgeruimde versie. Alles staat waar het hoort te staan. En nu maar hopen dat het voorlopig zo blijft. Hoewel... ik vind het altijd wel een leuk en rustgevend klusje om al mijn rijtjes weer netjes te zetten. ;-)

{opruimen} in de keuken


Een keuken kan heel snel enorm rommelig worden. En toch is het vanuit hygiënische overwegingen nu juist een ruimte die opgeruimd en overzichtelijk zou moeten zijn.

Wat heb je nodig?

Ik denk dat de hamvraag is: wat heb je nu echt nodig?
Het antwoord op die vraag is voor iedereen anders. Ik wilde eerst beweren dat er wel een gemeenschappelijke basis is, maar ik kan me zelfs extreme situaties indenken waarin de dingen die voor mij vreselijk logisch zijn (pannen, koffiezetapparaat) niet aansluiten bij iemands levensstijl (iemand die volledig "raw" eet bijvoorbeeld en geen koffie lust).
Wat je nodig hebt in je keuken is dus afhankelijk van wat je er klaarmaakt.
Voor sommige mensen zal deze stelling betekenen dat ze nu vastlopen met opruimen. Want alles wat er in je keuken staat heb je er immers neergezet met het idee dat je er iets mee ging doen. En dus hoeft er niets weg.
Maar zo werkt het natuurlijk niet.
Wees eerlijk tegen jezelf. Gebruik je het ook allemaal echt of was je dat alleen maar van plan?
Voorbeeld uit mijn eigen leven: als je zelden bakt heb je geen tien verschillende bakvormen nodig, ook als je graag meer zou willen bakken. Met een simpel cakeblik en 1 ronde springvorm kom je een heel eind. Koekjes kun je ook uitsteken met een glas en als je toch al niet zo dol bent op marsepein hoef je ook geen bergen materiaal te hebben om eens in de drie jaar een taart te versieren. Uitgebreide voorraden bakbenodigdheden heb je ook niet nodig als je toch nooit spontaan de keuken induikt om te gaan bakken. En mocht je toch ineens veranderen in de keukenprinses die je graag zou zijn, dan kun je altijd je collectie bakspullen weer uitbreiden.
Ik kan nog wel meer voorbeelden noemen: pannen bijvoorbeeld. Ik had een behoorlijke verzameling en vond dat ik die allemaal nodig had, maar toen ik eens een paar maanden in een huurappartement op Curaçao doorbracht kwam ik erachter dat ik prima maaltijden kon bereiden met 1 koekenpan en twee kleine kookpannetjes. Niet dat ik toen ik thuis kwam meteen al mijn pannen behalve 1 koekenpan en twee kleine pannetjes weggedaan heb, maar het zette de vraag "wat heb ik eigenlijk nodig?" wel even in een ander perspectief.

Hoe ontrommel ik mijn keuken?

Als ik mijn keuken ontrommel volg ik een vast patroon: kastje voor kastje.
stap 1: alles eruit.
Maar: meteen sorteren: soort bij soort neer zetten, dingen die ergens anders horen in het juiste kastje zetten/proppen, meteen apartzetten wat je toch nooit gebruikt en weggooien wat kapot of over de datum is
stap 2: kastje schoonmaken
Afnemen met een sopje, vetvlekken verwijderen (meestal helpt even inweken met keukenontvetter), nadrogen voor je alles erin zet.
stap 3: gesorteerde spullen er netjes weer in.
Past dat? Prima, niets meer aan doen. Past het niet? Dan moet je harder nadenken. Er zijn twee mogelijkheden: een deel ergens anders opruimen (maar dan verplaats je het probleem) of nog meer wegdoen.

Wat kan er weg?

Dat blijft de vraag. Kijk kritisch naar alles wat er uit het kastje kwam en bedenk of het in één van de volgende categorieën valt.
  • dingen die over de datum zijn (ja, soms zijn die nog bruikbaar, maar vraag je eens af of je het nog gaat gebruiken als het blijkbaar al maanden of jaren in de kast staat)
  • dingen die kapot zijn (tenzij ze gemakkelijk te repareren zijn, maar doe dat dan ook, zet geen kapotte spullen terug in de kast)
  • dingen die je min of meer dubbel of te veel hebt. Voorbeeld: hoeveel keukenmessen heb je eigenlijk nodig? Ik weet dat elk mes een eigen functie heeft en ik heb er vrij veel omdat ik een prachtige koffer vol van mijn man kreeg, maar in de praktijk grijp ik meestal naar mijn gewone keukenmes. Dat is dan wel een echt goed, dus niet goedkoop, mes. Aan de rest is mijn man - die ook regelmatig kookt - erg gehecht, maar als ik er echt geen ruimte voor had zou ik ze weg doen.
  • dingen die je maar heel zelden gebruikt. Het is simpel: als je er plaats voor hebt is het echt niet erg dat je die linnen servetten en die porseleinenservetringen bewaart die je alleen met Kerst op tafel legt. Maar als je ze al drie keer ergens anders neer hebt gelegd omdat je ze gewoon nergens kwijt kunt, moet je misschien toch maar papieren servetten neerleggen met Kerst (weer een voorbeeld uit eigen leven)
  • dingen die je ooit gekocht hebt en echt, echt binnenkort ook werkelijk gaat gebruiken, want ze zijn heel erg handig. Gadgets noem je dat. Handige apparaatjes om mee te snijden bijvoorbeeld. Niets mis mee als je ze gebruikt, maar als je in de praktijk toch altijd met een aardappelschilmesje aan de gang gaat, kun je ze misschien beter weg doen. Tussenstap: zet het ding op het aanrecht of leg het ergens waar je het vaak ziet. Heb je het over een maand nog niet gebruikt? Naar de kringloop ermee!
  • dingen die van je moeder/oma/overgrootmoeder waren. Tja. Moeilijk om weg te doen, absoluut. Maar afgezien van enkele kleine decoraties is je keuken nu net de plek waar je vooral nuttige voorwerpen bewaart. Zoek dus een mooi plekje voor die spullen zodat je ze dagelijks kunt zien, neem ze in gebruik, al dan niet op een alternatieve manier(ik bewaar reservelampen en batterijen in mijn oma's broodtrommel en reserveleesbrillen en brillendoekjes in mijn moeder's melkkan) en doe de rest weg. Misschien nog even rondvragen bij andere familieleden of die ze willen hebben, maar het is echt niet nodig om je keuken (of andere plekken in huis) te gebruiken als opslag voor een berg oude spullen die je niet mooi vindt, niet gebruikt en waar je eigeniljk helemaal geen ruimte voor hebt.
Persoonlijk vind ik mijn keuken het mooist als het aanrecht zo leeg mogelijk is. Dat scheelt ook een hoop schoonmaakwerk. Ooit had ik een enorme rij aardewerken voorraadpotten op mijn aanrecht staan, maar na een tijdje was ik het echt zat om die allemaal wekelijks af te moeten nemen. Aan de blikjes in mijn vensterbank ben ik dan weer wel gehecht, maar ook daar moet ik iedere week een doekje overheen halen. Als ik minder tijd had, zou ik er denk ik toch voor kiezen om nog meer in de kasten op te bergen.

{opruimen} voor je doodgaat


Ik kwam het voor het eerst tegen in een Amerikaans blog, maar later zag ik dat Wieke er ook al iets over schreef: het boek Opruimen voor je doodgaat van Margareta Magnusson. Nog later zag ik het ook bij Franka voorbijkomen. Origineel ben ik dus niet. Maar ik wilde dit boekje toch ook graag op mijn blog bespreken.
Het eerste stukje vertelde dingen over de inhoud die me wel aanspraken, zeker omdat ik op dat moment bezig was mijn ouders te helpen met een verhuizing naar een kleiner huis. Dus bestelde ik het bij de bibliotheek. En ik was aangenaam verrast.

Persoonlijk verslag

Het boekje gaat namelijk niet zo zeer over doodgaan, als wel over beseffen dat je ouder wordt en dat het niet noodzakelijk is om alles wat je je hele leven verzamelt hebt te bewaren. Margareta Magnusson is zelf - in haar eigen woorden - tussen de tachtig en de honderd en heeft al een aantal keren op moeten ruimen bij mensen die overleden waren, waardoor ze is gaan nadenken over waar ze haar eigen nabestaanden nu eigenlijk me opscheept.
Hoewel de ondertitel "De edele Zweedse kunst van döstädning" een beetje de indruk wekt dat het een boek is vol adviezen en tips, is het eigenlijk gewoon een persoonlijk verslag van hoe Margareta zelf omgaat met haar eigen spullen. En dat maakt het in mijn ogen juist een heel charmant boekje (het is ook kleiner en dunner dan je zou denken als je er een foto van ziet). Halverwege is ze ineens heel open over de dood van haar man en ze geeft ook eerlijk toe waar ze de grens trekt met weggooien of -geven.

Sentimentele onzin

Een heel goede tip vond ik om jezelf één doos te gunnen met sentimentele "onzin", waarin je brieven, entreekaartjes en andere herinneringen bewaart. Margareta zelf heeft daar met grote letters "WEGGOOIEN" opgeschreven zodat haar kinderen niet hoeven te piekeren wat ze ermee moeten, maar ze schrijft ook dat ze vermoed dat haar kinderen juist die doos zullen doorkijken en bewaren.

Taboe doorbrekend

Maar het allerbelangrijkste van dit boekje vind ik eigenlijk dat het een taboe doorbreekt.
Veel te volle huizen lijken op de een of andere manier onlosmakelijk verbonden te zijn met bejaarde mensen. Dat is op zich geen probleem. Maar het heeft als onvermijdelijk gevolg dat de nabastaanden voor de bijna onmogelijke taak staan uit te zoeken wat belangrijk was en wat niet. Kinderen zullen niet gauw tegen hun ouders zeggen dat ze oud worden en misschien dood zullen gaan en daarom hun spullen moeten sorteren, maar hoe fijn is het om het verhaal achter een voorwerp te kennen?
Bekijk systematisch je bezittingen met de insteek dat je kinderen dat over een aantal jaren zullen moeten doen en je af te vragen hoe belangrijk ze voor je zijn en waarom eigenlijk en vertel die verhalen aan je kinderen en kleinkinderen. Geef desnoods alvast wat dingen weg terwijl je nog leeft. Op die manier zorg je ervoor dat je herinneringen aan mooie tijden levend blijven, terwijl je tegelijkertijd overtollige ballast loslaat. En dat lijkt me een goede zaak.
Margareta geeft aan dat je eigenlijk al met döstädning zou moeten beginnen tegen de tijd dat je met pensioen gaat, rond je vijfenzestigste. Het is namelijk niet de bedoeling dat je binnen een maand al je bezittingen terugbrengt tot het absolute minumum. Het mag tijd kosten en het mag een doorlopend proces van (hopelijk) tientallen jaren zijn.

Leuk om te lezen

Zelf betwijfel ik of ik er behoefte aan zal hebben, tenzij ik de komende twintig jaar nog erg verander: behalve mijn fotoalbums (die ik zelfs binnenkort nog wil uitdunnen) heb ik weinig sentimentele bezittingen (hoewel... het boekje in de foto boven dit stukje leunt tegen drie dingen die ik toch niet zomaar weg zou doen). Mijn ouders bleken de kunst van het opruimen ook van nature in zich te hebben en wonen nu heel plezierig in hun gemakkelijk te behappen kleinere appartementje.
Toch vond ik het leuk om te lezen, juist omdat het zo simpel en ietwat onbeholpen (vind ik) geschreven is (Magnusson is geen beroepsschrijfster, ze is beeldend kunstenaar) en ik denk dat het een aanrader is voor iedereen die bezig is met opruimen, ook als je nog jong bent.


(link naar bol.com is een partnerlink.
Als je bestelt via deze link kost het jou niets extra, maar krijg ik een klein bedrag commissie)

{gelezen} Op Safari van Alexander McCall Smith


Tijdens een haastig rondje door de bibliotheek (er moest een boek terug maar ik had eigenlijk geen tijd om lang te snuffelen) viel mijn oog op dit boek. Het was eigenlijk meer de ondertitel die me aansprak dan de titel. "The no.1 ladies'detective agency", oftewel het beste dames detectivebureau. Het klonk grappig en het klonk als een ouderwets gezellige detective in tegenstelling tot de meer bloederige thrillers die zo populair zijn (maar niet bij mij). Dus nam ik het boek mee.

Was het een goede detective? Nee, eigenlijk niet. Het plot is nogal dun en zeker niet van hoog Agatha Christie niveau. Er spelen een paar verhaallijnen die allemaal netjes opgelost worden aan het eind, maar echt spannend en verrassend is het niet. Het detectivebureau van Mma Ramotswe krijgt als opdracht op zoek te gaan naar een gids die ooit zo aardig is geweest tegen een Amerikaanse dame, dat ze hem in haar testament een paar duizend dollar toegewezen heeft. Daarnaast heeft de secretaresse (assistent detective noemt ze zichzelf) een probleem met de overheersende tante van haar gewonde verloofde en vraagt een vriendin Mma Ramotswe om hulp omdat ze denkt dat haar man ontrouw is en er is nog iets met een vrouw die misbruik maakt van een man.
Genoeg stof om ruim tweehonderd bladzijden te vullen, dat wel. En fijn om eens een boek te lezen dat gewoon ouderwets beschaafd genoemd kan worden.

Wat dit boek zo anders maakt is ten eerste dat het zich in Afrika afspeelt. In Botswana om precies te zijn. De schrijver, Alexander McCall Smith is geboren in Rhodesië (het tegenwoordige Zimbabwe) en ik denk dat hij er ook in ieder geval zijn jeugd heeft doorgebracht, want hij weet het Afrikaanse sfeertje heel goed te treffen. Denk ik, voor zover ik dat kan beoordelen met als enige ervaring daarmee twee weken Zuid-Afrika ;-)
Het boek speelt zich overigens in Botswana, een buurland van Zimbabwe. Ik denk dat hij daarvoor gekozen heeft omdat Botswana een redelijk stabiel en welvarend land is. Dat wordt in het boek ook benadrukt; als je McCall Smith moet geloven is Botswana een geweldig land met voornamelijk leuke mensen.

Daarnaast is het taalgebruik en de manier van vertellen in dit boek vrij uniek. Het deed me een beetje denken aan Douglas Adams (van het Transgalactisch Liftershandboek), al schrijft die natuurlijk een heel ander genre.
Ik vind het bijvoorbeeld prachtig gevonden dat Mma Ramotswe van zichzelf (en anderen) zegt dat ze een "traditioneel postuur" heeft en ook eerlijk is over de nadelen daarvan (geen strakke broeken kunnen dragen). Je krijgt verder geen details over haar uiterlijk, maar je ziet haar voor je.

Een ander voorbeeld van de manier waarop hij dingen onder woorden brengt:
"Hij had heel weinig aan te merken op Precious Ramotswe, zijn vrouw en de oprichtster van Het Beste Dames Detectivebureau, maar als men dan toch een lijstje van haar tekortkomingen zou maken - dat zou een miniscuul document zijn, nauwelijks zichtbaar voor het blote oog - zou men wellicht moeten beginnen met haar neiging - vanzelfsprekend een lichte neiging - om te beweren dat dingen waar zij in geloofde 'algemeen bekend' waren."

Of:
"Ze wist niet of de tante haar begreep. De tante keek haar vluchtig aan en sloeg haar ogen weer neer. Misschien begreep ze het, maar ze bevatte het niet. Veel mensen waren zo. Ze begrepen, maar zonder te begrijpen. Dat was een groot probleem."

Al met al... een leuk en ontspannend boek. Als je net als ik van dit soort taalgebruik kunt genieten, zeker een aanrader. Ik ben in ieder geval van plan om meer boeken van deze schrijver te gaan lezen.

Later toegevoegd: een zoekactie op bol.com leert me dat de Nederlandse vertalingen al niet meer nieuw verkrijgbaar zijn. Jammer. Ik neem aan dat ze in het Engels net zo leuk zijn, maar dat heb ik nog niet uitgeprobeerd. Op de website van de bibliotheek zag ik nog wel een aantal Nederlandstalige versies.




(links naar bol.com zijn partnerlinks
= kleine vergoeding voor mij als je via die link bestelt, geen extra kosten voor jou)

{opruimen} waar begin je?


Dat is de grote vraag. Het simpele en cliché antwoord is "bij het begin". Maar ja, daar heb je niets aan als je niet weet waar dat begin is.
Het gebruikelijke advies is om te beginnen met het gemakkelijkste: keukenspullen of kleding. Daar ben ik het op zich mee eens, maar ik merk zelf dat ik na een tijdje mijn motivatie verlies en dan ieder keer opnieuw de moeilijke zaken (boeken en foto's) laat zitten. Na een paar maanden begin ik weer aan een nieuwe opruimsessie, maar die start dan weer op de gemakkelijke plekken.

Breekpunt

Als je huis echt overal volgestouwd is met rommel zou ik vooral met het gemakkelijkste beginnen, dat schiet lekker op. Maar voor al die mensen die eigenlijk al heel lang goed op weg zijn, maar steeds weer afhaken is dat niet de juiste methode. Vraag je af wáár nu precies je breekpunt zit en waarom. Meestal zit er een emotionele reden achter en het kan zwaar zijn om daar doorheen te werken. Maar als het eenmaal lukt is het wel een bevrijding.
Mijn grootste breekpunten waren (zijn!) boeken en foto's. Boeken omdat ik nu eenmaal dol ben op boeken en alles wat ik mooi vind wil hebben en bewaren om te herlezen. Ik zou dolgraag een bibliotheek in mijn huis willen hebben. Maar ik besef dat dat onmogelijk is en dat een overschot aan boeken mijn huis onleefbaar maakt, dus ruim ik ze op en heb ik niet meer boeken dan er in mijn kast passen. De collectie verandert nog steeds, maar uiteindelijk blijft er een verzameling over waar ik echt van geniet.
Op die manier heb ik nog steeds het fijne gevoel dat het me geeft om een oude favoriet te pakken en door te bladeren, zonder dat het me boven het hoofd gaat groeien.
Foto's zijn helemaal lastig. Van vroeger heb ik niet zo vreselijk veel. Die albums mogen gewoon blijven. Maar sinds ik digitaal fotografeer is het vreselijk lastig om te bepalen wat ik afdruk en bewaar en wat niet. Ik had rijen en rijen mappen met foto's staan (er waren bijvoorbeeld 2 dikke ordners en drie dikke boeken uit 2010) en ik keek er nooit in.
Vorig jaar haalde ik alle foto's uit die albums en gooide bijna de helft weg. Het was een bevrijding. Jammer van al die best-heel-goede foto's, absoluut, maar ik realiseerde me ineens dat ik onderscheid moest maken tussen mijn herinneringen en mijn pogingen om een goede fotograaf te zijn. Want daar zat de emotionele ballast. Nu is mijn streven om een klein rijtje persoonlijke albums te hebben staan waar ik op een zondagmiddag doorheen kan bladeren (och, wat waren ze klein en schattig en wat waren we nog jong).
Voor de "goede" foto's zoek ik nog een betere oplossing. Ik denk aan een stuk muur ergens in huis voor een wisselende "expositie" en 1 doos waarin ik de allermooiste afdrukken mag bewaren - de rest kan digitaal blijven.

Verschillende situaties, verschillende manieren om te beginnen

Maar goed, terug naar de vraag die ik in het begin stelde: waar begin je?
Mijn insteek voor een aantal verschillende situaties:

- als je hele huis volgestouwd is met rommel:
doe een x (kies een redelijk aantal, niet teveel, niet te weinig - het moet wel haalbaar zijn) dingen per dag challenge en neem iedere dag een andere kamer. Je hebt zoveel overbodige spullen dat het eerst zaak is om wat in totaal wat minder spullen te hebben

- als je niet echt veel rommel hebt, maar toch het idee hebt dat overal nog teveel spullen staan:
kies iedere week een andere kamer en ruim dagelijks een gedeelte (een plank of een kleine kast) op. In een week zul je niet helemaal klaar zijn met die kamer, maar iedere week een andere kamer kiezen zorgt ervoor dat je met een frisse blik naar je spullen blijft kijken.

- als je net als ik vooral nog een paar pijnpunten hebt:
probeer je eerst bewust te worden van wáár nu precies het probleem zit. Neem je voor er nu echt iets aan te doen, maar leg de lat niet te hoog. Je kunt niet in één week de foto's van een heel leven uitzoeken en het is onmogelijk om in één sessie je boekenverzameling terug te brengen van vier kasten vol naar twee planken. Dwing jezelf om er een bepaalde periode dagelijks of in ieder geval regelmatig mee bezig te zijn en gun jezelf de tijd om door de emotionele bagage heen te werken. Praat erover met mensen die je kunt vertrouwen en vraag om hulp als dat nodig is.

- je kunt er ook voor kiezen om een combinatie van bovenstaande te gebruiken.
Kies iedere week (of maand) een andere ruimte en begin met daar een van te voren bedacht aantal dingen weg te halen. Ga daarna de kasten opruimen. Zijn er in deze ruimte pijnpunten? Neem daar dan extra tijd voor.

Waar begin jij als je gaat opruimen?

januari-thema :: opruimen



Januari is de ideale maand om eens flink op te ruimen in huis. Goede voornemens, een nieuw jaar met een schone lei, het werkt allemaal motiverend.
Het internet staat dan ook vol met tips, challenges en uitgebreide artikelen over opruimen. Wat kan ik daar nog aan toevoegen?
Dat was zo'n beetje mijn gedachtengang toen ik dit stukje (en de stukjes voor de komende maand) op de planning wilde zetten. Heb ik wel iets zinnigs te zeggen? Maar ik merk aan mezelf dat die herhaling me niet echt stoort. Op de een of andere manier blijft er van ieder artikel wel iets hangen, ook al zeggen ze eigenlijk allemaal hetzelfde. Het is de manier waarop het geschreven is en het moment waarop je het leest dat bepalend is. Dus hoop ik maar gewoon dat er in ieder geval één persoon is die dit leest en denkt: "Ja, zo is het!" en zich dan gemotiveerd voelt om (weer) aan de slag te gaan.

Ik ben best goed in opruimen, al zeg ik het zelf. Ik heb in de loop van de jaren mijn huis langzaam steeds leger zien worden (en niet alleen doordat de dochters eruit trokken) en dat bevalt me goed. Ik ben echt geen minimalist met overal lege kasten (dat snap ik nooit - waarom doe je die kasten dan niet ook weg?) en ik kan zeker niet beweren dat ik 90% van mijn bezittingen weg gedaan heb (want zoveel overbodige spullen heb ik nooit gehad). Maar ik merk wel dat het me rust geeft en ruimte. Niet alleen letterlijk, maar ook in mijn hoofd. En daar gaat het om.
Eigenlijk is het ook niet zo moeilijk. Er zijn een paar oude citaten die ik als uitgangspunt gebruik.

"Alles op zijn plaats en alles een vaste plaats."
 
De onverbeterlijke rommelkonten in mijn omgeving hebben hier moeite mee. Het lijkt ook zo suf om alles steeds neer te leggen waar het hoort. Rommel is gezellig en er wordt nu eenmaal geleefd. Kan zijn en klopt helemaal. Maar dat is toch geen reden om je jas in de huiskamer te laten slingeren en boodschappen pas op te ruimen als je iets zoekt dat in één van die tassen hoort te zitten? Als alles een vaste plaats heeft is het gemakkelijker om het ook even op te ruimen waar het hoort. Dat doe je dan bijna zonder erbij na te denken.
De spullen die toch rondslingeren (bij mij vooral de dingen die ik 's avonds gebruik - boeken, puzzelboekjes, breiwerkje) ruim ik iedere ochtend op voor ik iets anders ga doen.

"Je zou niets in huis moeten hebben dat je niet mooi of nuttig vindt."

Voor mij is deze uitspraak van William Morris enorm veel zinniger dan de vraag of iets "joy sparkt" (ik krijg als schrijfster trouwens ook de kriebels van de vernederlandste versie). Van de wc-borstel krijg ik geen blije gevoelens. Maar nuttig is-ie wel, dus mag hij blijven.
Met deze regel ga ik vooral nadenken over "schuldgevoelspullen". Want die vind ik dus niet mooi en zijn vaak ook niet nuttig. Ik bewaar ze omdat ik vind dat ik het niet kan maken om ze weg te doen (want van oma geweest/cadeau gekregen/ veel geld aan uitgegeven), maar het voelt als ballast. Dus is het misschien toch tijd om afscheid te nemen.

Wat zijn jouw uitgangspunten bij het opruimen?

{opruimen} Kerstspullen



Het blijft me verbazen: in november kan ik bijna niet wachten tot Sinterklaas voorbij is en ik de kerstboom neer kan zetten, maar meestal begint het de dag na kerst al te kriebelen om de boel weer op te ruimen. Omdat het in ons gezin - en bij veel anderen volgens mij ook nog steeds - traditie is om in ieder geval te wachten tot na Nieuwjaar heb ik op 2 januari dan ook het gevoel dat het eindelijk mág.
Als ik, getrouw aan een nog oudere traditie, tot na Driekoningen zou wachten zou dat nog sterker zijn denk ik.

Het gekke is trouwens dat ik meestal als ik eenmaal begonnen ben met de kerstboom leeghalen spijt krijg. Had ik niet nog heel even kunnen wachten? Door op te ruimen sluit je de feestdagen toch echt helemaal af.
Maar goed, als ik eenmaal begonnen ben, ga ik maar door.
Echt een enorme klus is het niet. Hoe ik het aanpak?

1. losse decoratie in huis
Ik begin meestal met de losse spullen. Kransen, de kerstmanpop die al twintig jaar bij ons is, de beertjes die ook al jaren de kerstperiode doorbrengen in de vensterbank, kerstkousen, kussenhoesjes, tafelkleden enzovoort. Ik heb één (grote) plastic krat waar die in moeten. Meer mag ik niet van mezelf. Als ik dingen heb bijgekocht, moet er iets anders weg. Dat valt niet altijd mee. Maar het moet. Voor die vier weken per jaar gezelligheid wil ik geen 48 weken last hebben van dozen die ik eigenlijk niet kwijt kan.

2. Kerstboom - versiering
Daarna volgt de kerstboom. Ook die versiering past in één kleinere krat. Het is een beetje jammer dat ik de lampjes er eerst in moet doen, terwijl die pas als laatste uit de boom kunnen, maar dat is nu eenmaal niet anders. Onze ballen zijn geen van allen erg breekbaar, dus die gaan gewoon los in de krat. Met de slingers had ik in december nogal ruzie, alles zat in de knoop. Dus die gaan dit jaar ieder in hun eigen zakje.

3. Kerstboom - lampjes
Lampjes zijn voor de meeste mensen een enorm probleem als ze de kerstboom op willen zetten. In de knoop, lampjes kapot, enzovoorts. Ik moet het afkloppen, maar ik heb daar eigenlijk nooit last van. Ja, één keer, jaren geleden. En dat kwam dan ook precies door wat ik nu nooit meer doe: ik had de lampjes het jaar daarvoor gewoon min of meer netjes opgerold. Netjes uitrollen bleek niet mogelijk en door al dat gerommel waren er ook nog lampjes kapot gegaan. Echt een ramp. Sindsdien ben ik in januari een aardig tijdje bezig om de lampjes weer op de juiste manier terug te doen in de originele verpakking. Kost tijd, absoluut. Maar het is de moeite waard, want ik heb deze lampjes al jaren en ze doen het nog steeds.

4. Kerstboom zelf
Onze kerstboom is nep, dus die moet ook uit elkaar. Dat vind ik het meest treurige klusje, eerlijk gezegd. Ook de boom gaat terug in de originele doos. Dat past maar net, we moeten meestal met z'n tweeën worstelen om er een nieuwe laag plakband omheen te draaien, maar het scheelt ook ruimte op zolder.

En dan is het echt voorbij. Terug op het zoldertje en tot volgend jaar...