{gelezen} Draken en mensen - De Talonsaga van Julie Kagawa


Met de oudste dochter deel ik een liefde voor gezellige feelgoodromans, die je in een paar uurtjes uitleest. Hoewel ik mijn verzameling Leni Sarisboekjes allang weggedaan had voor zij ze ging lezen, heeft zij er nu meer dan ik er ooit had. En Nora Roberts is bij ons allebei favoriet. Alles wat ik lees en niet wil houden gaat rechtstreeks naar haar toe (en van haar weer naar andere familieleden)
Met de middelste dochter deel ik een fascinatie voor ingewikkeldere, vaak historische verhalen, boeken over de tweede wereldoorlog en alles wat met talen te maken heeft. We proberen allebei onze koopzucht op dat gebied onder controle te houden, maar als ik iets nieuws heb, moet ze het altijd uitgebreid doorbladeren.
Mijn jongste dochter leest wat minder snel en heeft een heel specifieke smaak. Een lange periode las ze vooral boeken over vampieren die verliefd werden op mensenmeisjes. Ik heb er wel eens eentje gelezen, maar echt boeien deed het me niet. Maar een jaar geleden pakte ik uit verveling toch nog een keer een boek op dat zij had laten slingeren. En ik was meteen verkocht.
Samen lazen we de eerste drie delen van de Talon-serie en daarna wachtten we met veel ongeduld op deel vier, dat gelukkig deze zomer eindelijk uitkwam.

De meeste fantasyboeken draaien om ongeveer dezelfde soorten mythes. Magie is natuurlijk een veel voorkomend gegeven (in de vorm van heksen, tovenaars of "gewone" mensen met speciale krachten) en verder komen vampiers en weerwolven veelvuldig voor. Juli Kagawa heeft al dit soort dingen ook gebruikt in andere boeken, maar de Talonserie is (denk ik) redelijk uniek.
Het verhaal draait om de strijd tussen mensen en... draken. Die draken kunnen zich transformeren in mensen en zo infiltreren in onze samenleving, met als uiteindelijke doel de mensen uit te roeien en de planeet over te nemen. Naast "gewone" mensen zijn er de drakenjagers van de Orde van Sint Joris, die dat proberen te voorkomen. Natuurlijk zijn er in deze verhalen afvallige draken en afvallige drakenjagers en de nodige onmogelijke vriendschappen en liefdesrelaties.

Het boek is volledig in de ik-vorm geschreven, vanuit verschillende hoofdpersonen. Dat laatste is iets wat je niet vaak ziet, maar het is heel goed uitgewerkt en absoluut niet lastig te lezen. Sterker nog, ik vind het inspirerend en zou zomaar kunnen proberen of één van mijn "plankverhalen" (manuscripten die wel zo goed als af zijn maar "iets" missen) baat heeft bij een dergelijke aanpak (een thriller, in de ik-vorm geschreven, maar door mijn uitgever beoordeeld als te weinig spanning bevattend).
De hoofdpersonen zijn erg jong, want het is eigenlijk een young-adult boek, maar ik vind het niet echt storend. Sterker nog, als de leeftijden niet genoemd werden (en dat worden ze gelukkig zelden) zouden ze ook best heel wat ouder dan zestien kunnen zijn. Draken en drakenjagers hebben tenslotte geen tijd voor puberproblemen en ontluikende liefdesrelaties zijn van alle leeftijden.
De rest van het verhaal draait vooral om de strijd tussen draken, drakenjagers en de rebellen die ertussen zitten en dat is zo spannend dat je gewoon dóór moet lezen. De boeken hebben (naar mijn smaak) de juiste balans tussen emoties en actie.

Dochter leende het boek van de bibliotheek, dus ik moest wachten tot zij het boek uit had voor ik eraan kon beginnen. Ze hield met veel moeite haar mond over de nieuwste ontwikkelingen in het verhaal en ik dook erin zodra ik het in mijn handen had. En werd weer niet teleurgesteld.
Nou ja, behalve aan het eind dan, want het eindigt alweer met een spannende cliffhanger. Er waren wat overwinningen voor de "goeden" en wat teleurstellingen voor de "slechten", maar natuurlijk hebben die laatsten nog wat pijlen op hun boog. En er zijn nog steeds wat geheimzinnige ontwikkelingen op de achtergrond waarvan je je afvraagt waar die heengaan.
Weer met spanning wachten op het volgende boek dus...







(links naar bol.com zijn partnerlinks
= kleine vergoeding voor mij als je via die link bestelt, geen extra kosten voor jou)

{huishoudschema} Wat ik wekelijks doe



Er zijn natuurlijk meerdere manieren om dingen die je eens per week moet doen in te delen. Dat is afhankelijk van op hoeveel dagen per week je hoeveel tijd vrij kunt en wilt vrijmaken voor het huishouden.

Sommige mensen delen de wekelijkse taken op per ruimte van het huis (bijvoorbeeld op maandag de huiskamer, dinsdag de keuken, woensdag de badkamer enzovoorts), anderen maken een indeling op soort werk (maandag opruimen en stoffen, dinsdag stofzuigen, woensdag soppen enzovoorts). Weer anderen werken het liefst met een combinatie van die twee. Dat hangt af van je eigen voorkeur, van je gezinssamenstelling en van de afmetingen van je huis.
(lees ook: 5 redenen waarom je geen schema's van anderen moet gebruiken)


Ik doe alles, of in ieder geval zo veel mogelijk, op maandag, dan heb ik dat in ieder geval gehad voor de week.
Ooit vond ik het prettiger om daar juist de vrijdag voor te kiezen, zodat ik het huis in het weekend schoon had, maar de rest van de week verloopt vaak zo rommelig en zit zo vol met onverwachte dingen, dat het er dan simpelweg niet meer van kwam. Bovendien willen we in het weekend nog wel eens aan het klussen slaan en dan wil je niet net alles perfect schoon (nou ja, min of meer) hebben gemaakt.
Ik heb ook een tijdje geprobeerd om het toch over twee dagen te verdelen, waarbij ik de keuken, de badkamer en het toilet dan op donderdag probeerde te doen. Maar mijn weken liepen altijd heel gauw vol met andere dingen en dan bleef het poetsen toch weer liggen. Wat niet alleen frustrerend, maar ook onhygiënisch is. Eén ochtend (soms 's middags nog een uurtje) per week doorbuffelen werkt voor mij beter.

Op maandag laat ik dus mijn dagelijkse lijstje voor wat het is, want bijna alles wat daarop staat, komt terug in mijn weeklijst.

Wat ik op maandag doe:

Slaapkamer
- bed afhalen
- beddengoed wassen/drogen (bij mooi weer buiten)
- bed weer opmaken (meestal pas aan het eind van de dag)

Huiskamer
- glazen blad salontafel met glasreiniger
- planten water geven
- vensterbank afnemen

Keuken
- afwas
- aanrecht, kastdeurtjes, koelkastdeur, bovenkant afzuiger, kookplaat soppen
- vloer dweilen

Badkamer
- wasbak, bad, douchecabine soppen
- vloer dweilen
- afvalbakje legen

Toilet
- tegeltjes, planken afnemen
- aanraakplekken afnemen
- pot, bril soppen
- vloer dweilen
- vuilnisbakje legen

Hele huis
- opruimen
alleen de zichtbare delen. Kasten leeghalen en opruimen hoort bij mij op de af-en-toe-lijst. Tijdens mijn wekelijkse rondje leg ik dingen terug waar ze horen, ook als dat betekent dat ik ze er in een rommelige kast bij moet proppen. Die kast komt dan wel op mijn todo-lijstje, waarbij ik hoop dat ik die week tijd heb om er iets aan te doen.
- stoffen met de plumeau - over de meubels en langs de plafondranden en plinten, vergeet ook de planten niet!
- stoffen met microvezeldoekje (nog eens overal langs om het stof dat weer is neergedwarreld op te nemen)
- stofzuigen (ook het bed uitzuigen)
- spiegels, glas van fotolijstjes e.d. oppoetsen met speciale glasdoek

En verder:
- strijken (ik strijk alleen wat echt nodig is en dat is niet veel)
- een paar dingen van mijn maandelijkse lijstje

Hoewel het bovenstaande goed te doen is, zijn er wel eens weken waarin ik het allemaal niet voor elkaar krijg. Daarom houd ik in mijn agenda heel beknopt bij wat ik doe en wat niet. Als ik weet dat ik iets de week ervoor niet gedaan heb, heeft dat onderdeel prioriteit. En als ik het al vaker overgeslagen heb, zet ik er een uitroepteken bij in de huidige week.

Het kan trouwens ook betekenen dat ik mezelf overschat heb. In eerste instantie moest ik van mezelf ook iedere week alle ramen van binnen en van buiten lappen en alle vloeren dweilen. Maar dat lukte regelmatig niet en daarom werd het frustrerend. Dus besloot ik die twee onderdelen te verplaatsen naar mijn maandelijkse lijstje. Gek genoeg zijn er nu heel wat weken waarin ik denk: "ach, ik doe die ramen (of vloeren) ook meteen even".
Blijkbaar helpt het dat ik het niet per se móet. Ik kies op zo'n moment voor het heerlijk brave gevoel dat ik krijg als ik het dan toch doe. De menselijke geest heeft raadselachtige kronkels...

lees ook:
Iemand nodig die met je meedenkt en je helpt een passend schema op te stellen? Daar kan ik je bij helpen! Mail me voor meer informatie en/of een prijsopgave.

{huishoudschema} Wat ik dagelijks doe


Oké, ik moet eerst iets opbiechten. Sinds ik dit blog begonnen ben, lijkt het wel of alles waarvan ik dacht dat ik het onder controle had ineens helemaal zo simpel niet meer is. Stress, vermoeidheid, ziekte, afspraken, gedoe... het heeft allemaal invloed op mijn huishoudelijke kwaliteiten. Of misschien niet op mijn kwaliteiten, maar wel op mijn motivatie. Er zijn heel wat dagen dat ik geen kruisje kan zetten bij mijn dagelijkse routine.

Afstrepen

Dat moet ik misschien even uitleggen: ik heb een heel simpel systeem: in mijn agenda schrijf ik iedere week D: m d w d v z z . De D is van dagelijks, de andere letters zijn de dagen van de week. Ik zet 's ochtends een schuine streep door de letter van de dag als ik mijn routine heb afgewerkt en 's avonds als ik klaar ben met afwassen. Het is simpel genoeg om geen stress te veroorzaken (je moet jezelf niet te streng behandelen), maar duidelijk genoeg om een beetje overzicht te houden.

Maar goed, terug naar de laatste paar weken. Heel wat niet afgekruiste dagen dus. Maar ik blijf een voorstander van het creëren van een dagelijkse routine, want het helpt toch.

Innerlijke dialoog


Mijn innerlijke dialoog gaat dan bijvoorbeeld zo:

Ik heb geen zin. Echt niet. En ik voel me niet goed. Ik doe vandaag gewoon niets.
(ik ga naar de wc en zie de toestand in de keuken als ik daar doorheen loop)

Nou ja, misschien toch die afwas maar even. Die heb ik gisteravond ook al laten staan.
(doe zuchtend de afwas)

Meteen maar even een doekje over het aanrecht en het fornuis, is die keuken tenminste toonbaar.
(keuken schoon)

Ik ben nu toch bezig, laat ik het toilet nog maar even doen. Dat kost ook amper tijd.
(wc schoon)

Hoe is het met de badkamer, eigenlijk?
(doekje over de wasbak, handdoek recht hangen)

Als ik het bed nog opmaak, mag ik vandaag afstrepen.
(maak bed op)

Zo, dat ziet er toch een stuk beter uit.
(ruim meteen nog wat kleine rondslingerend spullen op, want die vallen ineens op)

Het ligt er verder aan hoe moe of ziek ik ben en wat er verder nog speelt, maar meestal is een dergelijk begin genoeg om nog iets anders (mijn wekelijkse routine bijvoorbeeld) beet te pakken. En anders kan ik tenminste zonder in paniek te raken mensen binnen laten. Ook wel prettig.

Mijn ochtendroutine


Mijn ochtendroutine bestaat dus uit:

1. huiskamer
afwas verzamelen, eventueel andere rommeltjes op ruimen, asbak legen

2. keuken
a - afwas
ik heb geen vaatwasser en ik bak 's ochtends eieren en spek voor het ontbijt (van echtgenoot ), dus dat is wel echt nodig, zelfs als ik het de vorige avond nog gedaan heb

b - aanrecht en fornuis afnemen
vanwege dat eieren bakken zitten er meestal wel wat vetspetters op. Dit zorgt er tegelijk voor dat ik het aanrecht opruim, want om dingen heen vegen is onhandig en onzinnig.

3. toilet
aanraakplekken (deurknop, slot, lichtknopje, doortrekknop), bril, pot, vloer afnemen

4. badkamer
opruimen, doekje over de wasbak, eventueel (meestal op maandag en donderdag) ook over de douchedeuren en het bad

5. was
was van de vorige dag opvouwen en opruimen, eventueel een nieuwe was aanzetten

6. slaapkamer
was opruimen, bed opmaken, opruimen

Zoals je hierboven zag, kan de volgorde variëren, soms is het logischer om eerst het bed op te maken omdat ik toch boven ben om de vuile was op te halen en soms ruim ik de huiskamer pas op als ik klaar ben met de rest, soms... nou ja, je begrijpt het wel. Huishouden is geen wiskundevraagstuk dat maar op één manier op te lossen is. Maar het is wel prettig om richtlijnen te hebben.

(lees ook: 5 redenen waarom je geen schema's van anderen moet gebruiken)

Mijn avondroutine


Dat staat er nu wel zo mooi, maar eigenlijk is mijn avond een stuk minder gestructureerd dan mijn ochtend. Dat komt mede doordat mijn man 's ochtends gewoon aan het werk is en ik dus min of meer mijn eigen gang kan gaan, terwijl hij probeert om de avonden vrij te houden voor ontspanning. Ook komen er nog wel eens dochters eten en dan vind ik gezellig bijpraten toch net iets belangrijker dan schoonmaken.
Het komt dus wel eens (ahem) voor dat ik niet toekom aan wat ik eigenlijk wilde doen, maar ik doe mijn best, omdat het de ochtenden gemakkelijker maakt.

1. keuken
a. En dan vooral: de afwas, want anders zit ik er de volgende ochtend mee.
Gelukkig krijg ik meestal hulp, maar ik moet wel altijd het initiatief nemen en dat valt soms niet mee. Toch probeer ik het meestal te doen, want hoe meer er staat, hoe hoger de drempel wordt.

b. Voor ik ga afwassen, ruim ik de keuken op en neem het aanrecht af (want anders heb ik geen ruimte om de schone vaat neer te zetten), na de afwas maak ik het fornuis schoon.

2. opruimen
Dit lukt bijna nooit, maar ik streef ernaar. Even een rondje door het huis maken en de dingen die in de loop van de dag zijn blijven liggen weer op hun plek leggen.

Conclusie

Toen ik begon met dit stukje was mijn huis een puinhoop. We hadden een bijzonder rommelige week achter de rug (zachtjes uitgedrukt) en ik had al twee dagen mijn dagelijkse routine niet afgewerkt. De keuken stond vol afwas, de boodschappen waren nog niet eens opgeruimd en... nou ja. Puinhoop. Erg slecht voor mijn humeur.
Al schrijvend over wat ik normaal gesproken allang gedaan zou hebben begon het me echt dwars te zitten. En toen ik niet zo goed wist hoe ik mijn artikel af moest sluiten (want door de puinhoop om me heen voelde het toch een beetje als bedrog), besloot ik daar over na te denken terwijl ik in ieder geval even de afwas wegwerkte.
Echtgenoot hielp met afdrogen, dus dat was vrij snel klaar. Ik haalde een doekje over het aanrecht en het fornuis en ruimde de laatste tas met boodschappen leeg.  Daarna maakte ik het bed op, haalde een doekje door het toilet, controleerde de badkamer en legde wat rondslingerende spullen op hun plek.
Om vervolgens met een heel wat positiever gevoel dit stukje af te sluiten.

Het werkt namelijk echt om een duidelijk beeld te hebben van wat je eigenlijk iedere dag zou moeten doen.

lees ook:
Iemand nodig die met je meedenkt en je helpt een passend schema op te stellen? Daar kan ik je bij helpen! Mail me voor meer informatie en/of een prijsopgave.

{gelezen} Over anders zijn - Kleine wonderen van Stephanie Knipper

kleine wonderen

In een ideale wereld zou niemand "anders" zijn en daarom buiten de maatschappij staan. We zouden gewoon allemaal verschillend zijn en ieder op onze eigen manier mogen leven. Maar helaas is de wereld niet ideaal. Mensen die anders zijn krijgen etiketjes (autisme, asperger, PDD-NOS) en schuiven daardoor nog verder buiten de maatschappij.
Daardoor verbaasde het me dat ik voor de tweede keer binnen een paar maanden een boek in mijn handen had waarin de hoofdpersoon anders denkt dan de gemiddelde mens. Betekent dat dat er iets aan het veranderen is? Dat we accepteren dat er niet iedereen zich volgens het boekje ontwikkeld? Ik hoop het.

Kleine wonderen

In "Kleine wonderen" van Stephanie Knipper draait het verhaal om twee zussen en de dochter van één van hen. Rose heeft een hartafwijking en is stervende, haar tienjarige dochtertje Antoinette is wat meestal betiteld wordt als autistisch, hoewel in het verhaal door een arts wordt aangegeven dat ze niet helemaal aan de criteria voldoet. Lily is ook anders, al heeft ze haar studie gewoon afgemaakt en werkt ze in het begin van het verhaal als actuaris bij een verzekeringsmaatschappij. Getallen zijn voor haar rustgevend en als ze erg zenuwachtig is, móet ze tellen, maar ze kan dat net goed genoeg onder controle houden om normaal te functioneren.
De twee zussen hebben al een tijdje geen contact meer, maar Rose vraagt Lily terug te komen naar de boerderij waar ze zijn opgegroeid zodat ze voor Antoinette kan zorgen. Het is een mooi en ontroerend verhaal waarin niet alleen de band tussen de twee zusjes mooi uitgewerkt wordt, maar ook de keuze tussen een oude liefde en een goede vriend waar Lily voor komt te staan.

De keukendochter

In "De keukendochter" van Jael MacHenry draait het verhaal om de zesentwintigjarige Ginny, die troost vind in recepten. of ze ze nu daadwerkelijk klaar maakt of niet. Nu allebei haar ouders zijn overleden wil haar oudere zus het huis waarin ze zijn opgegroeid verkopen. Ginny zou dan bij haar moeten gaan wonen, maar eigenlijk vinden ze dat geen van beiden een goede oplossing.

Anders denken

Wat ik in beide boeken heel knap gedaan vind, is de manier waarop het denken van Antoinette, Lily en Ginny wordt weergegeven. Zelfs als je zelf niet op zo'n manier denkt, wordt het daardoor wel begrijpelijker hoe het is om zo te zijn. Van Stephanie Knipper staat op de omslag dat haar (geadopteerde) dochter autistisch is, dus bij haar zal het gebaseerd zijn op wat ze in het dagelijks leven ziet. Bij Jael MacHenry kan ik daar niets over vinden, maar de manier waarop Ginny redeneert komt wel heel natuurlijk over.

Aanraders, zeker. Maar...

Hoewel ik beide boeken het lezen waard vond en zeker zou aanraden, is er één ding dat me een beetje dwarszit. Zowel Ginny als Antoinette blijken wel heel speciale (paranormale) gaven te hebben. Dat feit op zich stoort me niet (ik hou tenslotte van sprookjesachtige verhalen), maar het doet de boodschap "mensen die anders zijn, zijn ook normaal" wel teniet. Het is een soort omgekeerde discriminatie. Ze zijn niet alleen anders, maar ook nog heel bijzonder. En dat is natuurlijk boektechnisch gezien wel een mooie wending, maar zo werkt het in het echte leven niet.
Bij De keukendochter wist ik van de omschrijving achterop al dat Ginny af en toe geesten ziet als ze recepten maakt van bepaalde personen. Echt heel vervelend vond ik dat niet en het voegt ook wel iets toe aan het verhaal.
In Kleine wonderen kwam het (ik zal niet weggeven wat precies) nogal onverwacht.
Het is echt een mooi en ontroerend verhaal, maar juist omdat het zo goed geschreven is vind ik het jammer dat het niet realistisch bleef.


de keukendochter

kleine wonderen

(links naar bol.com zijn partnerlinks
= kleine vergoeding voor mij als je via die link bestelt, geen extra kosten voor jou)

Hoe ik mijn boekenverzameling onder controle kreeg


of: Verdrinken in de boeken


Want dat laatste zou ik doen als ik het mezelf toestond. Als ik bij de kringloop rondloop, zie ik altijd tientallen boeken die ik wel wil lezen, herlezen of gewoon in bezit hebben. Ik zou daar iedere keer als ik er ben (toch wel een paar keer per maand) stapels boeken mee kunnen nemen, zonder ooit het gevoel te hebben dat ik eigenlijk niets leuks kon vinden. In een boekhandel heb ik hetzelfde, maar daar is het vooral de prijs die me tegenhoudt. Hoewel dat ook weer komt doordat ik zo veel boeken zou willen hebben. De keus is dan zo moeilijk, want stel dat ik die twintig euro liever aan een ander boek had uitgegeven?

Verzameldrang


Ik ben erfelijk belast, dat is zeker. Mijn ouders hebben altijd grote boekenkasten gehad (de hele achterwand van de huiskamer of een complete wand in de garage) en die waren goed gevuld. En dat deelden ze met mij, want terwijl veel vriendinnetjes trots waren op hun rekje met drie planken die niet eens vol stonden, had ik al vrij jong een volwassen boekenkast van 2 meter hoog en die stond vol ook.

Ik trouwde met een man die wel mijn liefde voor lezen deelt, maar niet mijn verzameldrang. Hij kan een boek lezen, er heel enthousiast over zijn en het dan toch op de kringloopstapel leggen. Er is maar een beperkt aantal boeken dat hij wil houden en zijn geheugen is zo goed en gedetailleerd dat hij zelden iets herleest.

Het grootste deel van onze boeken was (is) dan ook van mij. Ik heb een prima geheugen, maar niet voor details in verhalen. Ik lees met emoties en als de emoties kloppen, wil ik het boek houden om dat gevoel later nog eens te kunnen krijgen.

Maar ja. We wonen in een klein huis en ik lees snel en enorm veel. De "bewaarboeken" stapelen zich snel op als ik niet uitkijk.

Een nieuwe boekenkast


Vorig jaar besloten we dat de huiskamer een opknapbeurt kon gebruiken. Eén van mijn wensen was "een boekenkast in de huiskamer". Onze boekenkasten stonden namelijk al jaren op de slaapkamer, wat ten eerste teveel stof veroorzaakte en ten tweede gewoon niet praktisch was (uit het oog, uit het hart). En bovendien raakte ik de controle kwijt. Want toen de kasten boven vol raakten, kwamen er stapeltjes op en naast en zette ik beneden ook maar wat rijtjes neer op kasten en planken. En toen beneden die rijtjes niet meer pasten kwamen er daar ook losse stapeltjes op de verkeerde plaatsen bij. Het begon langzaam een probleem te worden.

Nu moet ik eerlijk zeggen dat ik, als ik alleen woonde, waarschijnlijk gekozen zou hebben voor een heel grote boekenwand in de lengte van de kamer. Maar echtgenoot vond - terecht - dat het donker, rommelig en benauwd zou worden. Dus bouwden we onder de trap een kast van de bekende vierkante Kallaxkasten van Ikea. We stapelden grote en kleinere formaten en vulden zo de hele muur. Een deel werd bestemd voor de stereo, de platen en de fotoalbums. De rest (en dat was behoorlijk veel ruimte) mocht ik vullen met boeken, maar dan mochten er nergens anders meer boeken staan ook.

Tot mijn verbazing werkt dat perfect.


Beperkte ruimte


Ik gebruik een beperkte ruimte (aan de zijkant van de kast) om nieuwe boeken neer te zetten en die ruim ik regelmatig op. Ieder vak van de boekenkast heeft min of meer een thema en als zo'n vak overvol begint te raken (alles staat dus wel in dubbele of zelfs driedubbele rijen), haal ik het leeg en bedenk wat mag blijven en wat toch wegkan. Af en toe moet ik een paar vakken mengen om mijn absolute favorieten te kunnen houden, maar het blijft overzichtelijk. Niet meer de hele boekenkast leeghalen, wanhopig proberen alles er weer in te krijgen, en heel veel lastige beslissingen in één keer nemen, maar gewoon stapje voor stapje.

Oké, ik geef toe. Af en toe doet het nog pijn, want die verzameldrang is er nu eenmaal. Als ik een schrijver goed vind, wil ik álles van die persoon lezen en bewaren. Wat natuurlijk onzin is. Zeker als het gaat om iemand als Nora Roberts, want die heeft zo'n 225 titels op haar naam staan. Daar heb ik een hele kast voor nodig. En als ik heel eerlijk ben, vind ik lang niet al haar boeken goed. Waarom wil ik boeken in mijn kast die ik niet nog eens wil lezen?

Van Agatha Christie heb ik wel alles, maar dat zijn er "maar" 75 (ik mag wel eens dóórwerken als ik mijn voorbeelden nog wil proberen te evenaren). En misschien gaan er daarvan ook ooit nog een paar weg, want ik vind de spionageverhalen niet echt leuk. Ik had trouwens ook een behoorlijke verzameling Vijflingen van Agatha Christie, maar die heb ik weggedaan omdat ik daardoor bijna alle boeken dubbel had. Nu mis ik een paar korte verhalen, maar dat moet dan maar.

Een lastige is de alfabetserie van Sue Grafton. Dat zijn er (straks - de laatste twee moeten nog komen) 26 en het is gewoon niet logisch om maar een paar letters te hebben. Toch? Nee dus, ook hiervan zijn sommige boeken beter dan de anderen.

Aan de andere kant heb ik "Gejaagd door de wind" en "Scarlett" in de afgelopen twintig jaar al minstens vier keer weggedaan en weer teruggekocht omdat ik ze zo graag wilde herlezen. Die mogen nu dus gewoon blijven.

Nog te lezen

Een deel van mijn boekenverzameling van vroeger bestond uit boeken die ik nog niet eens gelezen had en sommige daarvan had ik al jaren. Omdat mijn "nog te lezen" ruimte nu heel beperkt is, koop ik ook minder boeken. Ik kan ze immers toch niet kwijt. En omdat boeken pas de kast in mogen als we ze gelezen hebben (of één van ons), blijven boeken ook geen maanden ongelezen liggen, want dan wordt de stapel te onoverzichtelijk. Als we er geen zin in kunnen krijgen mogen ze weer weg (dat is het voordeel van tweedehands kopen). Inmiddels begin ik te leren wat ik beter gewoon in de (kringloop)winkel kan laten liggen en wat echt gelezen wordt.

Dat scheelt weer geld en bovendien vond ik het eigenlijk helemaal niet prettig om zoveel ongelezen boeken in mijn kast te hebben. Dat gaf onbewust toch stress (ik móet nog zoveel lezen) en lezen zou ontspannend moeten zijn.

Hoewel ik af en toe nog weg kan dromen bij het idee dat je een complete bibliotheek in je huis zou hebben (ik heb er zelfs een pinterestboard voor) , vind ik het een fijn gevoel dat ik mijn boekenverzameling onder controle heb.

Mijn tips:


1. neem een beslissing over de beschikbare ruimte en houd je daaraan (eerlijkheidshalve moet ik bekennen dat ik boven nog een rijtje patroonboeken heb staan en mijn kookboeken staan in de keuken, maar dat houd ik ook beperkt)

2. je hoeft niet alles te bewaren, zelfs niet als het goede boeken zijn (echt niet! soms is de herinnering aan een mooi boek genoeg)

3. als je een schrijver goed vindt, hoef je niet zijn volledige oeuvre aan te schaffen. Je kunt er ook voor kiezen zijn of haar beste boeken bewaren en de rest af en toe van de bibliotheek lenen (of digitaal aanschaffen, maar dat is een heel ander verhaal).

4. als je de ruimte hebt, kun je natuurlijk besluiten toch een verzameling te beginnen. Van een bepaalde schrijver bijvoorbeeld, of een bepaalde uitgave (ik heb al een paar keer op het punt gestaan om Lijsters te gaan verzamelen), maar beperk je dan tot die verzameling (in mijn geval: wel alle boeken van Agatha Christie in één bepaalde uitgave en niet ook nog de Engelstalige en boeken die erop lijken en...) en bekijk regelmatig of je er de ruimte nog voor hebt. Als je kiest voor een onderwerp (ik neig naar boeken over de Arthurlegende, maar probeer me te beheersen) is weer die beperking op ruimte (punt 1.) van toepassing. Kies hoeveel ruimte je er voor wilt vrijhouden en ruim regelmatig op, zodat je alleen de mooiste exemplaren overhoudt.


Hoe ziet jouw boekenkast eruit?

{huishoudschema} 5 redenen waarom je geen huishoudschema's van anderen moet gebruiken


Het is zo verleidelijk: Pinterest staat vol schoonmaakschema's, de één nog mooier uitgewerkt dan de ander. Er zijn ook heel wat blogs (vooral Amerikaanse) die je beloven dat je huis prachtig schoon zal worden als je maar precies doet wat zij zeggen.
Was het maar waar!
Ik geef het toe, ik heb die dingen ook gedownload. En gebruikt. Want het is zo geweldig handig als je niet zelf na hoeft te denken. Ja toch?

Maar het werkt dus niet. Waarom niet?

1. Niet alle huizen zijn hetzelfde

Dit is vooral een heel goede reden om geen Amerikaanse schema's te volgen. Die zijn vaak gebaseerd op het formaat huizen dat bij ons alleen voor de heel rijken beschikbaar is. Badkamers schoonmaken. Eh... Een normaal Nederlands huis heeft er twee, als je het toilet mee telt. Dat zou je kunnen doen, want dat valt bij hen onder een half-bath. Maar we hebben er over het algemeen geen drie of vier. En het gemiddelde apartement heeft er maar één (toilet in doucheruimte).
Als we even die Amerikanen los laten (wie heeft er niet eens jaloers gekeken naar wat zij beschouwen als een normale woning?) is het verschil nog enorm. Een apartement houd je op een andere manier schoon dan een huis met trap(pen). Sommigen van ons hebben helemaal geen slaapkamers, anderen hebben er drie, vier of zelfs meer. We hebben zolders of kelders, een berging of helemaal nauwelijks opslagruimte. We hebben open keukens of keukens in een aparte ruimte, waar je dan vaak wel, maar soms ook niet de achterdeur vindt, of in het midden van het huis waar je altijd doorheen moet als je naar de huiskamer moet (zowel mijn huis als de flat van een dochter).
Nou ja, enzovoorts. Ik kan het schema dat ik gebruikte in de jaren '80 eensgezinswoning waar ik vijftien jaar geleden woonde niet zomaar gebruiken voor het huis waar ik nu woon.

2. Gezinssamenstelling

Wat je wanneer en hoe vaak schoonmaakt is ook afhankelijk van wie er in je huis wonen. Woon je alleen? Samen met een partner? Kleine kinderen? Grote kinderen? Huisdieren? De mogelijkheden zijn eindeloos. De gevolgen voor je huishouden dus ook. Behalve de samenstelling zijn ook de bezigheden en de karakters nog van invloed. Werk je fulltime? En je partner? Kinderen op school, opvang of altijd thuis? Zijn jij en/of je huisgenoten netjes of rommelig?
De zeldzame keren dat ik helemaal alleen in mijn huis ben, hoef ik nauwelijks op te ruimen. Ik laat nu eenmaal niet zoveel slingeren. Als er nog drie pubers (die zijn inmiddels volwassen en het huis uit) en mijn lieve maar slordige man rondhangen moet ik echt meer tijd inruimen om rondslingerende troep te verzamelen.

3. Tijd

Het is niet alleen de vraag hoeveel tijd je in het huishouden kunt steken, maar ook hoeveel tijd je erin wilt steken. Beide criteria zijn voor iedereen anders en veranderen ook regelmatig mee met de omstandigheden in je leven. Ik vind dat je daar rekening mee moet houden.
Het is namelijk vooral demotiverend om op je schema te zetten dat je iedere dag moet stofzuigen als je dat niet haalt. En dan maakt het niet uit of dat komt doordat je geen tijd kunt vrij maken of doordat je geen zin hebt. Het kan best zijn dat je vind dat het echt moet (bijvoorbeeld omdat je twee katten en een kruipende peuter hebt), maar als je dag na dag moet constateren dat je het alweer niet hebt kunnen afstrepen, wordt je alleen maar boos en verdrietig en gaan er dagen en soms zelfs weken voorbij zonder dat je uberhaupt de stofzuiger pakt.. Dat werkt dus niet. Dan kun je beter eens per week op je schema neerzetten en je daaraan houden.

4. Energie

Het zou fijn zijn als het alleen een kwestie was van willen. Je kunt nog zo netjes uitgewerkt hebben wanneer je tijd hebt om wat precies te doen en het ook echt graag willen, maar soms lukt het gewoon niet.
Dat kan een tijdelijke oorzaak hebben (griep bijvoorbeeld, of een drukke periode op het werk waardoor je doodmoe bent als je thuisbent), maar ook een langduriger probleem (een nare ziekte of een aangeboren probleem waardoor je energiepeil lager ligt dan bij de gemiddelde mens).
Hiervoor geldt hetzelfde als hierboven. Het kan best zijn dat "iedereen" veel meer doet dan jij, maar het werkt alleen maar demotiverend en deprimerend als het je gewoon niet lukt te doen wat er op je lijstje staat. Wees realistisch en eerlijk over wat je wél kunt doen en houd je daar dan ook aan.

5. Iedereen heeft een eigen minimum

Er zit een enorm grijs gebied tussen extreme viespeuken en mensen met smetvrees. En niets in dat grijze gebied is per definitie fout. Natuurlijk zijn er wat hygiënische aspecten waar je rekening mee moet houden, maar verder is het toch echt een kwestie van persoonlijke voorkeur (ik duik alvast voor het onvermijdelijke verontwaardigde commentaar van Perfecte Huisvrouwen).
Er is echt niets mis mee als je niet elke dag stof afneemt, maar het is ook geen probleem als je dat wel doet. Zolang je geen allergische klachten vertoont en niet spontaan in een niesbui uitbarst als je ook maar beweegt in je huis loopt het wel los.
Ik kan er niet tegen als er veel rommel op de grond ligt, maar mijn dochters stappen daar vrolijk overheen, terwijl mijn moeder helemaal niets rond laat slingeren en zeker nooit iets op de grond neerlegt. Zolang je nog enigszins normaal rond kunt lopen in je kamers is dat je eigen zaak.
Of om zo'n hygienisch aspect te noemen: ik krijg de kriebels als ik het toilet niet (bijna) dagelijks schoonmaak, maar in de meeste schema's hebben ze het over eens per week. Zolang de toestand je toilet geen gevaar voor je eigen gezondheid (of die van de buren...) vormt, moet je dat helemaal zelf weten.

Dan maar geen schema?

Ben ik tegen huishoudschema's? Absoluut niet! (lees ook: 5 redenen waarom je een huishoudschema zou moeten hebben).

Ik vind het alleen vervelend dat sommige van die schema's worden gepresenteerd als een soort absolute waarheid. Als je dat schema maar volgt, komt alles goed. En dat vind ik onzin. Gebruik ze als voorbeeld, als inspiratie en als leidraad. Maar gebruik ook je verstand en pas zo'n schema aan naar je eigen situatie. Dan heb je veel meer kans dat je je er ook aan houdt.

En daar heb je zo'n schema tenslotte voor.

Heb jij schema's van anderen gedownload? Werkte dat? Wat ging er wel/niet goed?

lees ook:
Iemand nodig die met je meedenkt en je helpt een passend schema op te stellen? Daar kan ik je bij helpen! Mail me voor meer informatie en/of een prijsopgave.