Geertrude Verweij over schrijven, lezen en leven

Molen

20091130 (Small)
Lees verder ...

Mijn hoofd

Mijn hoofd zit vol. Letterlijk en figuurlijk. Letterlijk ga ik maar niet uitleggen, dat begrijpt u zo ook wel. Ik heb alweer griep. Of nog steeds, dat kan ook.
Figuurlijk zit mijn hoofd vol met allerlei dingen. Eigenlijk te veel om op te noemen. Maar ik ga het toch proberen, want ik weet na al die jaren stukjes schrijven wel dat het geweldig oplucht om het allemaal eens op papier (nou ja, blog) te zetten.
Sinterklaascadeautjes. Natuurlijk. Hoe leuk die voorpret ook is, het valt niet mee om voor iedereen een leuk cadeautje te vinden. Zeker niet met zo’n griephoofd. Ik ben vanochtend de stad in geweest, maar de score is nog vrij laag. Volgende week nog een keer. En dan maar hopen dat er niet te veel van die mopperkonten rondhangen die luidkeels laten weten dat ze helemaal geen zin hebben in de feestdagen. Dan krijg ik namelijk de neiging om keihard sinterklaasliedjes te gaan zingen, en dat lukt nu even niet, want ik heb keelpijn.
Maar goed, ik heb dus nog veel meer aan mijn hoofd.
Geen bloederige moorden meer, trouwens. De thriller is af. Dat betekent niet dat u hem binnenkort kunt lezen. Om eerlijk te zijn heb ik mezelf na afloop hartelijk uitgelachen. Ik zal er nog wel een beetje (nou ja, veel) aan moeten veranderen voor ik het naar een uitgever durf te sturen. Ik ben nu maar weer teruggekeerd naar mijn normale genre en hou me bezig met een vrouw die moet kiezen uit twee heel verschillende mannen.
Verder is er een dochter die van studie wil veranderen en een dochter die nog moet kiezen wat ze na het behalen van haar Vmbo diploma gaat doen. We bezochten een banenmanifestatie, maar daar werden we niet veel wijzer van. Meer dan een stapel folders hebben we er niet aan over gehouden. Dat wordt dus weer veel open dagen bezoeken de komende tijd.
Het werk voor de krant blijft ook binnenstromen. In een gemiddelde week rij ik bijvoorbeeld heen en weer van Sinterklaasintochten naar brandweerdiplomauitreikingen en van fysiotherapeuten naar slijterijen. Ik moet dan ook flink oppassen dat ik dat in mijn hoofd niet allemaal door elkaar ga gooien, want dan krijg je een goedheiligman die een borreltje drinkt terwijl hij boven op de ladderwagen wat spieroefeningen doet. En dat klopt toch niet helemaal.
U leest het al: het is een rommeltje in mijn hoofd. Maar dat geeft niet. Anders wordt het tenslotte maar saai.
Lees verder ...

Aangekomen

20091121 (Small)

Lees verder ...

Zonsondergang

20091119 (Small)

Lees verder ...

Voorpret

Ik dacht dat het dit jaar tegen zou vallen. Te druk, te ziek, te moe. Maar nee. Ik had het kunnen weten. De laatste dagen is het weer helemaal terug. Sint-voorpret.
Ik ben nu eenmaal zo gek op het hele Sinterklaasfeest en alles wat daar aan vast zit, dat ik alweer, ondanks druk, ziek en moe, met volle teugen aan het genieten ben.
Het was ook bijna niet te voorkomen dit jaar. Dat komt vooral door oudste dochter. Die van de grimeursopleiding, weet u nog wel? Zij moest zich afgelopen zondag om zes uur ’s ochtends melden in Amsterdam om pieten te schminken. Dat had nog heel wat voeten in aarde, want zo vroeg rijdt de trein nog niet en ze heeft nog geen rijbewijs. Gelukkig heb ik er wel een, dus stapte ik vrolijk (nou ja, ik deed een poging) om vijf uur ’s ochtends met haar in de auto.
Maar goed, dochter kwam enthousiast thuis (met de trein) en bracht meteen de sinterklaas stemming mee. Wat wil je ook. Voor die intocht moesten er 640 pieten zwart gemaakt worden. Dat is niet niets. Dat deed ze dan ook niet in haar eentje natuurlijk. Maar ze vertelde stralend hoe leuk het was, toen ze na afloop om zich heen keek en zich ineens tussen honderden pieten bevond. Gisteren moest ze nog twee pietjes schminken en zaterdag helpt ze hier in het dorp bij de intocht. Dat wordt helemaal een familiegebeuren, want ik moet daar foto’s maken.
Vandaar dat de stemming er nu toch langzaam in begint te komen. Ineens zie ik in winkels niet alleen de standaard saaie boodschappen liggen, maar vind ik overal cadeautjes. Ik ben net een hamster, ik koop steeds een beetje en sleep alles mee naar huis. Daar verstop ik in mijn kamer en dan begint het lastigste. Het sorteren. Wat heb ik al en voor wie moet ik nog iets zoeken? Soms is het een heel gepuzzel om voor iedereen iets te vinden, maar dat is nou juist het leuke eraan. Het is in onze familie traditie dat iedereen voor iedereen een cadeautje koopt. Zo wordt het een echte ouderwets gezellige pakjesavond met veel proppen papier, plagerige rijmpjes en gekke cadeautjes. Want het is natuurlijk wel de uitdaging om maar kleine bedragen te besteden. Het gaat niet om wat je krijgt, maar om de lol die je er op zo’n avond van hebt. En de weken ervoor natuurlijk!
Lees verder ...

Kringloopvondsten


Lees verder ...

Stom

Soms lijkt het bij ons thuis net een kleuterschool. Wat wel een beetje vreemd is als je jongste dochter bijna zeventien is. Maar misschien heeft dat te maken met het feit dat beide oudste dochters een opleiding volgen die toch wel wat creativiteit vraagt.
Twee weken geleden moest één van deze dochters een tekening maken voor kunstgeschiedenis. Het was een ingewikkelde opdracht. Ze moest met krijt stippels tekenen. Pointilleren, schijnt dat te heten. En dan zat ze ook nog vast aan een vastgelegd kleurgebruik. Want anders was het te simpel. Ze moest de primaire kleuren als basis gebruiken en de complementaire kleuren als schaduw. Klinkt niet zo heel moeilijk, maar als je nogal realistisch ingesteld bent, valt het niet mee om het gras blauw te maken met oranje schaduwen, de lucht rood met groene accenten en het water geel met paarse golven.. Er werd dus flink gemopperd. Tijdens het onafgebroken zenuwslopende getik van het krijtje dat de stippels moest maken, hoorden we regelmatig: “Ik vind dit stom.”
Andere dochter vond het allemaal wel grappig. Ze probeerde ook serieus haar tweelingzus moed in te spreken, maar dat werkte vooral averechts. Het werd haar niet in dank afgenomen als ze beweerde dat de tekening best mooi werd. Maar toen ze ten einde raad maar zei dat ze vond dat het stom was, was het natuurlijk ook niet goed. Er werden daar enige harde woorden over gesproken.
Gelukkig kwam de tekening af, bedaarden de gemoederen in ons gezin snel weer en bleek het hele rare kleurengedoe zelfs een “goed” waard te zijn. Einde hoofdstuk, zult u denken.
Maar nee. Vorige week zat andere dochter met een paar vellen tekenpapier voor haar neus te tekenen. Niet voor de lol, maar voor een tentamencijfer. En ook zij had de opdracht primaire kleuren te gebruiken, met complementaire kleuren als schaduw. Gelukkig hoefde ze niet te stippelen, dat scheelde. Maar het viel ook niet mee om de gevraagde geometrische vormen in ons huis terug te vinden. Ik ben meer van de organische vormen. Of eigenlijk helemaal niet de vormen, tenminste niet bewust. Ik zet gewoon neer wat ik mooi vind.
We vonden een windlicht dat toch wel aardig geometrisch van vorm was. En een wijnfles. Dus dat probleem was opgelost. Maar toen moest ook deze dochter, die zo mogelijk nog realistischer is ingesteld, ook met de vreemde kleuren aan de gang. En dus hoorden we een middag lang: “Ik vind dit stom.”
Lees verder ...

Bijna kaal

20091106 (Small)

Lees verder ...

Tellen

Ze zeggen altijd: schrijven is schrappen. Maar ik zie het anders. Uiteindelijk komt het wel op hetzelfde neer, maar ik zou zeggen: schrijven is tellen. Hoe gek het ook klinkt.
Als ik een opdracht voor de krant krijg, staat daar vaak bij hoeveel woorden men wil hebben. Meestal zijn dat er driehonderdvijftig of vierhonderd.  Soms uitdrukkelijk minder en heel soms mag het ietsje meer zijn. Maar dat zijn speciale gevallen.
Op enkele uitzonderingen na kom ik gemakkelijk aan mijn woordenaantal. Meestal zit ik er overheen. Ik vind het vooral lastig  als ik een interessant gesprek gehad heb met een boeiend mens. Dan schrijf ik rustig duizend of meer woorden. Maar dat is teveel voor een regionaal krantje. Dat mag misschien als je voor Libelle werkt, maar dat mag ik dus niet. Dat is wel jammer. Alle zijsprongetjes die een gesprek zo boeiend maken moeten er dan uit. Maar het is niet anders. Ik moet tellen. Ik moet schrappen.
Als je een boek schrijft lijken die woorden niet zo belangrijk. Een roman van tweehonderd bladzijden in niet te kleine letters telt iets meer dan vijftigduizend woorden. Het duurt wel even voor je zo ver bent. Toch tel ik ook tijdens het schrijven van mijn boeken regelmatig de woorden. Op die manier hou ik in de gaten of de opbouw van het verhaal wel klopt. Ja, natuurlijk kun je ook van te voren een schema maken, maar daar ben ik niet zo goed in.
Op dit moment ben ik weer aan het rommelen met tienduizenden woorden.
Ik heb het hier en daar al laten vallen: ik ben bezig met een thriller. Ik vind het heerlijk om romans te schrijven en dat blijf ik zeker doen, maar ik was toe aan een nieuwe uitdaging. Ik heb geen idee of het gaat lukken. Misschien past het gewoon niet bij mijn stijl. Maar dat zien we wel als het klaar is. Ik ben in ieder geval lekker op dreef. Ik schrijf en tel mijn woorden. En zie de teller oplopen. Hoger en hoger. Ik schrijf, schrap, voeg toe en zit helemaal in mijn verhaal. Heerlijk.
Oh, u wilt weten waar het over gaat? Een kleine tip van de sluier? Helaas. Kan niet. Want dit stukje mag ook maar vierhonderd woorden zijn. En daar zat ik bij de eerste versie ruim overheen.
Ik moest een heel stuk weghalen. Maar dat was wel toepasselijk. Schrijven, tellen en schrappen.
Lees verder ...

Borstelrol




 

Oudste dochter doet een kap- en grimeopleiding. Of ik een oplossing kon verzinnen voor alle borstels en kammen. Natuurlijk kon ik dat!
Lees verder ...