Geertrude Verweij over schrijven, lezen en leven

Opruimen

Mijn lapjeskast was een puinhoop. Dus haalde ik alles eruit om het opnieuw op te vouwen en te sorteren. Maar toen had ik geen tijd meer. Dus nu ligt het al een paar dagen zo…

20081127 (Small)

Lees verder ...

Puntjes

op de i. Bezig met de laatste redactierondes van mijn boek. Het komt nu toch echt heel dichtbij…

20081126 (Small)

Lees verder ...

Geen schrijfsel, vuile was en koffie

Ik geef het op. Er komt deze week geen schrijfsel.
Zo nu weet u het. Ik vind het wel treurig, want ik ben de laatste tijd al niet zo trouw. Dat is erg, want ik doe dit om mezelf te bewijzen dat ik het kan, wekelijks een stukje neerzetten. Maar soms kan ik het dus niet.
Dat klinkt simpeler dan het is. Want ik ben in zo’n schrijfselloze week vaak wel een keer of zes begonnen. Maar dan vond ik het niet iets om zomaar op het wereldwijde web te zetten. Ja, ik weet wel dat inmiddels de halve wereld niet alleen de schone, maar ook de vuile was buiten hangt op het internet, maar ik probeer dat toch maar niet te doen.
Veel vuile was is er niet trouwens. De wasmachine en de droger hebben de hele dag gedraaid. Er zal inmiddels vast wel weer iets in de wasmand liggen, want die is nooit langer dan een kwartier leeg, maar toch. Veel zal het niet zijn.
Figuurlijke vuile was heb ik ook niet veel. In een gezin met pubers gebeurt wel eens wat, natuurlijk. Er is er één erg hard op haar knieën gevallen. Daar pieker je dan over. Maar als je er over nadenkt, blijkt het beter te gaan zodra het kind een beetje rust neemt. Dat het nog niet zo heel goed gaat, komt omdat ze dat niet doet. “Ik stel me aan!” roept ze en loopt op school gezellig met de rest van de klas de trappen op en af. Ze hebben daar wel een lift, maar die vind ze eng. Ik begrijp ook niet dat zo’n grote school alleen een wankele goederenlift heeft en geen normale personenlift. Maar goed, het zou beter zijn als ze er wel gebruik van maakte. Ze besloot daarnet toch maar niet te gaan werken. Ik hield me in en zei:  “Dat lijkt me verstandig.”, in plaats van wat ik dacht (welke idioot denkt er vijf uur door een tomatenkas te kunnen rennen met zulke pijnlijke knieën?).
Een andere dochter is haar kamer aan het opruimen. Alweer, nog steeds. Altijd eigenlijk. Er komt geen eind aan. Heel soms is het eventjes netjes, maar dat duurt niet lang. Het lijkt wel een beetje op die wasmand, eigenlijk.
De derde dochter had een slechte bui. Maar die lijkt op haar vader en praat nergens over. Die bokt. Andere dochters en ik praten. Oeverloos. Wij razen en tieren en huilen. Maar deze dochter en haar vader niet. Die zwijgen.
Daar kan ik niet tegen. Ik had gelijk, dus ik probeerde haar terug te pakken en zweeg ook. Eventjes, want lang hield ik het niet vol. toen hebben we het uitgepraat en was het over.
Niet bijster interessant allemaal. Geen dingen die geheim moeten blijven, maar ook niets om een schrijfsel van te maken.
Verder had ik het druk vandaag. Maar dat is ook niet nieuw. En ik heb daar pas al een stukje over geschreven. Dat kan ik niet blijven doen. Tenminste niet hier. Ik ben dat wel aan het doen voor het engelse weblog. “A day in the life of” gaat dat heten, dat doen er wel meer en het is leuk om te lezen.
Het viel niet mee om alles bij te houden, ik zal het wel een beetje moeten bewerken. Ik zat al aan twee kantjes toen het nog niet eens avond was. En dan heb ik de dochters met boze buien, rommelige kamers en zere knieën er nog uitgelaten. Het is wel een grappige manier om een dag te documenteren, met de tijden erbij. Als ik het teruglees, zie ik vooral veel heen en weer rijden, want de dochter met de zere knieën kon natuurlijk ook niet naar school fietsen en ik had twee opdrachten voor de krant. Ik drink ook opvallend veel koffie. Het heeft jaren geduurd voor ik dat spul ging waarderen, maar nu leef ik er op. Blijkbaar, want het gaat eigenlijk zonder erbij stil te staan. Ik merkte het pas toen ik het opschreef. Zeker als echtgenoot thuis is drink ik veel. Die laat namelijk regelmatig zijn koffie koud worden en vraagt dan om nieuwe. Maar dan heb ik de mijne al op en ik doe rustig nog even mee. Om vijf uur zat ik echter vol. Toen kwam het nog net niet letterlijk mijn neus uit. Om half acht kon er wel weer een kopje in, maar nu zit ik braaf achter de sinaasappelsap. Want ik zou vannacht graag wel een beetje willen slapen.
Als ik nu maar niet pieker over dochters met.... enzovoorts. Over mijn onregelmatige schrijfsels hoef ik in ieder geval even niet te piekeren, want het is er zo stiekemweg toch eentje geworden!
Lees verder ...

Koffie

20081125 (Small)
Lees verder ...

Winter

:: buiten

20081124 (1) (Small)

:: binnen

20081124 (Small)

Lees verder ...

Sneeuw

20081123 (1) (Small)

20081123 (2) (Small)

20081123 (3) (Small)

20081123 (4) (Small)

20081123 (Small)
Lees verder ...

In de tuin

November is toch niet zo kaal als het lijkt

20081120 (1)

20081120 (Small)

Lees verder ...

Vakantiegevoel


Ineens was het nodig. We moesten er even tussen uit. Nou ja, eigenlijk was het niet ineens. Echtgenoot had al eerder de agenda beetgepakt en gekeken of het mogelijk was een weekendje weg te gaan. Maar in de maand november stonden alle zaterdagen al volgeboekt met bezoeken aan open dagen. Dus liet hij het er maar bij.
Maar toen echtgenoot last kreeg van zijn rug, toen ik alleen maar vreselijk moe en chagrijnig was, toen echtgenoots talent om het onmogelijke uit zijn computer te halen zomaar kwijt leek en toen ik alleen maar met tegenzin aan de feestdagen kon denken, was het echt nodig om eens weg te gaan.
Dus klikte ik mijn maagdelijk witte document, waarop ik een gezellig gesprek van de hak op te tak moest zien om te vormen in een degelijk interview dicht en ging op internet zoeken. Dat bleek gemakkelijk te zijn, blijkbaar is “een weekendje weg” iets waar meer mensen naar verlangen. We konden pas zondag weg, dus ik voerde de datum in, bekeek de plaatsnamen en de plaatjes tot ik iets tegenkwam wat me aanstond. Oh, de zegeningen van het internet. Ik klikte op “boeken” en het weekendje was geregeld.
Zondag vertrokken we. We moesten eerst nog naar een verjaardag. Die was me op het moment van boeken eerlijk gezegd heel even ontschoten. Maar het hotel lag op ongeveer drieënhalf uur rijden bij ons vandaan, dus besloten we gewoon vroeg naar de verjaardag te gaan en vroeg weer weg. U denkt misschien aan tien uur koffietijd, en voor de lunch weer weg, maar dat werkt in onze familie iets anders. Op zondag in ieder geval. Verjaardagen en bezoekjes op zondag beginnen “na kerktijd”, ongeveer half twaalf. Dan is er de normale volgorde van koffie met gebak en een drankje met wat lekkers en dan wordt er om een uur of twee, drie, gezamenlijk soep en broodjes gegeten. Wat dan weer gevolgd wordt door koffie, gebak en eventueel hapjes en drankjes voor de laatkomers. Wij gingen dus veel te vroeg weg. Ik had een groot schuldgevoel, maar gelukkig begreep men dat het nodig was. De vorige verjaardag hadden we namelijk ook al vroegtijdig verlaten, maar toen omdat echtgenoot verder moest met zijn werk. Dat begreep men dan weer niet.
In ieder geval, met allerlei goede wensen en met achterlating van onze bloedjes van kinderen gingen we op pad. De bloedjes hadden er wel zin in, er lag pizza en salade en eierkoeken, de vriezer was gevuld en ze konden eindelijk eens zelf beslissen wat er op televisie gekeken werd.
Ik had even tijd nodig om het allemaal los te laten, maar toen we eenmaal de grens over gingen sloeg het vakantiegevoel toe. Ik zag de Duitse plaatsnamen, het landschap veranderde en ik bedacht hoe gemakkelijk het was dat je zomaar de grens over kunt rijden tegenwoordig, zonder controles, zonder geld te wisselen. Een beetje jammer ook wel, want het vakantiegevoel is nog veel sterker als je met vreemd geld moet rommelen. Het eeuwige gereken, er thuis achterkomen dat je toch een beetje scheef zat en tien procent meer uitgegeven hebt dan je dacht (wij waren in 2001 in Italië en rekenden 1000 lire als 1 gulden, terwijl het 1,10 was). Het droeg wel bij aan het vakantiegevoel.
Maria Oomkens schreef ooit een stukje over hoe je soms meer vakantiegevoel (VG) kunt hebben tijdens een weekendje Ardennen, dan tijdens drie weken Gran Canaria. Ik moest daar de hele tijd aan denken.
We stopten voor een kopje koffie en een broodje bij de eerste Raststätte over de grens. Alleen dat woord al staat garant voor een hoog VG. Het klinkt zo rustgevend, zo vakantieachtig. Veel beter dan ons nuchtere “wegrestaurant”. Dat doet me altijd denken aan het mopje over “strand weg, zee weg en toen ik naar huis wou... straat weg”.
We rusten dus wat bij de Raststätte en vervolgden toen onze weg. Om vier uur vonden wij het wat donker worden. “Kijk toch eens, wat een donkere wolken!” zeiden wij. Het regende ook een beetje, maar gelukkig niet hard. Om half vijf schudden wij teleurgesteld onze hoofden. “Het blijft maar zo regenachtig donker, wat jammer toch!” Om kwart over vijf drong het tot ons door dat de zon onder was en dat het gewoon avond werd. Tja. De combinatie van “nog maar net in de wintertijd” en het VG had ervoor gezorgd dat ik er niet bij had stil gestaan dat ook in Duitsland de dagen kort zijn zo half november.
In het donker vervolgden wij dus onze weg. De dorpjes waar we doorheen reden werden kleiner, de stukken onverlichte weg langer. Toen de tomtom aangaf dat we er bijna waren, konden we de omgeving nauwelijks meer onderscheiden. We reden het hotel twee keer voorbij omdat we aan de verkeerde kant van de weg keken, maar uiteindelijk vonden we het.
We werden met open armen ontvangen door de Nederlandse eigenaar, die ons een enorme kamer wees. Met ligbad, dat had ik besteld vanwege die opspelende rug.
We fristen ons een beetje op, namen beneden een drankje en kregen toen een heerlijke maaltijd voorgeschoteld. De vrouw van de eigenaar kwam van de Dominicaanse republiek, dus kregen we Dominicaanse Runderstoofpot. Dat verwacht je niet als je in Duitsland een hotelletje boekt, maar het was heerlijk. En iets onbekends eten is ook altijd goed voor een groot VG.
Na het eten dronken we nog een wijntje en luisterden mee naar het gesprek tussen de hoteleigenaar en een stel Duitse buren die kwamen eten.
Deze mannen wilden de sate wel eens proberen, een typisch Hollands gerecht in hun ogen. Daar hadden wij nog niet eerder over nagedacht. Altijd gedacht dat het chinees of Indonesisch was. De sate die wij als snack eten, met patat, is we van Indonesische oorsprong, maar aangepast aan onze Hollandse smaak. De Duitsers vonden het echter ook goed te eten. Ondertussen vertelden zij ons dat zij in Amsterdam geweest waren. De automatiek vonden zij “sehr cool”, het idee dat je zomaar geld inwerpt en dan meteen een warme snack hebt gaf hen blijkbaar een aardig VG. Het bier vonden ze echter net water en heel duur. Ik vermoed dat ze tijdens een of ander festival evenementenbier gedronken hebben. Liefhebbers van sterk bier waren ze namelijk niet, de een dronk een sneeuwwitje bij het eten en de ander cola-bier.
Al dat Duits gaf ons een heerlijk VG en wij gingen tevreden, na een heet bad naar bed. Dat bed was echt Duits, veel te zacht en met van die “haagse bluf”- kussens. Het lijkt heel wat, maar het is allemaal lucht. Toch sliepen we heerlijk.
We stonden laat op en kregen vers (af)gebakken broodjes bij het ontbijt. Als je normaal gesproken ontbijt met een bakje yoghurt met muesli (ik) of twee bruine boterhammen (hij) geeft zo’n warm broodje een heerlijk VG.
Na het ontbijt stapten we in de auto om de omgeving te verkennen. Dat vinden wij fijn. Gewoon op de gok kleine weggetjes rijden en kijken. De omgeving was een fijne verrassing, mede doordat we in het donker aankwamen. Wij wisten niet dat er op zo’n korte afstand van Nederland zulke serieuze heuvels waren. Heuvels en bergen zijn bij ons essentieel voor het VG. Rode aarde ook en laat de klei in die omgeving nou bruinrood zijn!
We reden leuke weggetjes tot een uur of één en parkeerden toen de auto in Winterberg. Daar schijnt het meestal heel druk te zijn, maar november is een tamelijk dode maand daar. De helft van de restaurants en hotels was dicht. Maar we vonden een gezellig restaurant waar we Bockwurst mit Friten aten. Daarna reden we de andere kant op en volgden weer allerlei kleine weggetjes door leuke dorpjes. Ik werd verliefd op de vele vakwerkhuizen die we zagen en dan vooral op de met die torentjes. We gingen er serieus over denken dat we daar toch wel zouden willen wonen en ik richtte in gedachten dat torentje alvast in als schrijf- en naaikamer voor mezelf. Altijd goed voor een flinke toevoeging aan het VG, zoiets.
Vlakbij het hotel lag de bron van de Ruhr. Je kon daar goed wandelen, maar gelukkig voor ons, met onze zwakke ruggen en slechte conditie, was de bron zelf dicht bij de weg. Je moest er wel een stukje voor lopen. Er stond zelfs een heel nadrukkelijk bord op het parkeerterrein waarop stond: Steige aus und gehe wandern!
Dat deden we en we zagen een piepklein stroompje water. Als je de Ruhr vooral kent als brede rivier in een zwaar vervuild gebied, is zo’n bron een rare gewaarwording. Net zoals alle baby’s schattig zijn bij de geboorte, begint ook zo’n rivier helder en lieflijk. Ik werd er zowaar een tikje beschouwend van. En ja, ook dat hoort bij het VG.
We zorgden deze keer dat we voor donker terug waren. We namen een drankje, praatten wat met de vrouw van de eigenaar, wat niet heel gemakkelijk was. Haar Nederlands is nog niet helemaal soepel en wij spreken geen Spaans. Maar we babbelden wat over haar land en ons land en over het feit dat ik er volgens haar zo helemaal niet Nederlands uit zie. Dat de donkere haren en ogen in mijn familie terug gaan tot de Spaanse tijd was lastig uit te leggen, ik ben bang dat ze nu denkt dat ik een Spaanse oma heb... Maar wat maakt het uit.
We namen weer een heerlijk heet bad. Het bad is het enige wat we missen van ons vorige huis. In dit, verder geweldige, huis hebben we alleen een zeer bescheiden douche. We genoten er dus echt van en ook dit droeg bij aan het VG.
We aten sate, want daar had echtgenoot zo’n trek in na het zien van die Duitsers de dag ervoor en gingen vroeg naar bed.
Thuis krijg ik die man van mij met geen stok voor half twaalf naar boven, maar hier lagen we ruim voor tien uur. En sliepen het klokje rond. Oh ja, we hadden dit weekend dan ook echt nodig...
We ontbeten weer met warme broodjes en toen was het tijd om afscheid te nemen. Omdat wij zeer rusteloze mensen zijn en onze vakanties meestal trektochten zijn, gaf ook dit ons een VG. Op naar de volgende halte. Die was dan thuis, maar we hadden een hele dag de tijd om daar te komen.
We vertelden de tomtom dat we snelwegen wilden vermijden. Het ding was het daar niet echt mee eens, het duurde tien minuten voor hij de route berekend had. Maar toen was het ook een leuke route. We zagen het landschap langzaam weer platter worden en de vakwerkhuizen werden schaarser. We verbaasden ons over de grote hoeveelheid zonnepanelen en hadden een diepzinnig gesprek over de zin en onzin van de energiemaatregelen die onze regering neemt. Daaraan kun je zien dat we uitgerust waren, als echtgenoot de wereld weer wil verbeteren en ik vrolijk meebabbel (en heel af en toe ook nog iets zinnigs te berde breng) gaat het goed met ons. Dat geeft dus een VG van jewelste.
We lunchten onderweg in zo’n uitstervend eethuisje. Piepklein, vier tafeltjes, maar goed eten. Echtgenoot had een schnitzel, die twee centimeter dik was. Het zag er netjes uit. Op alle tafeltjes lag een vrolijk kleedje en op dat kleedje stond bij elk tafeltje een vogelverschrikker met een pompoen, ter vervanging van het standaard vaasje met plastic bloem.
Aan een van de andere tafeltjes zat een oude man. Ik zat met mijn rug naar hem toe en hoorde hem steeds praten. Van dat echte oude mannen gepraat, gemompel en dan weer wat harder en af en toe een hijgend lachje ertussen door. Ik had gezien dat hij alleen zat, dus vroeg ik een beetje angstig aan echtgenoot : “Zit hij tegen jou te praten?”
Echtgenoot grinnikte: “Nee, tegen die pop!”
De eigenaresse van het eethuisje bracht de man zo nu en dan een biertje en zette dan een streepje op het viltje. Blijkbaar was de man dus een bekende en ongevaarlijk. Een beetje zielig vond ik het wel, maar hij leek heel gelukkig met zijn gesprekspartner, die hem in ieder geval niet in de rede viel.
Met uitpuilende magen reden we verder en we besloten nu toch maar de snelweg te nemen. Rechtstreeks naar huis gaan betekende precies op een raar moment thuis komen, vlak voor etenstijd. Met het gevaar dat de verleiding om toch nog even aan het werk te gaan voor echtgenoot wel erg groot was.
We reden dus langs Rotterdam richting Zeeland, waar ons campertje sinds kort logeert in één van de garageboxen van mijn vader. Zolang het campertje onder onze eigen carport stond, had ik hem gebruikt als bergruimte en men had hem meegenomen zonder dat ik de tijd had om hem leeg te ruimen, dus gingen we dat nu nog maar even doen. Het grootste gedeelte van wat erin lag, was namelijk seizoensmateriaal. Ik vond het snoepschaaltje voor Halloween (te laat!) en een sinterklaaszak (op tijd!) en natuurlijk lag ook de kerstboom en alle versiering in dat campertje. Toch wel handig om dat dichter bij huis te hebben in deze tijd van het jaar.
Toen we daarmee klaar waren was het precies etenstijd. We wilden nog even bij mijn ouders langs, maar zes uur is natuurlijk een rare tijd. Zelf hadden we nog niet echt honger, na onze zeer uitgebreide lunch, maar we besloten toch maar wat te gaan eten. We wilden eigenlijk gewoon een patatje of een broodje kroket, maar de snackbar bleek dicht te zijn. De pizzeria was ook dicht. Alleen de chinees was open. Die stond een beetje zielig voor zijn raam te kijken of er nog gasten kwamen. Vooruit dan maar. Dus aten we peking eend en babi pangang. Die natuurlijk geserveerd werden in de standaard ruime chinese hoeveelheden. Het was erg lekker, dus we aten tot we niet meer konden. Mag vast niet van het Voedingscentrum, maar ons gaf al dat heerlijke eten van die twee dagen een geweldig VG.
We dronken nog een kopje koffie bij mijn ouders (een koekje kon er echt niet meer bij!) en reden toen met een auto vol kerstspullen huiswaarts, waar onze dochters blij waren ons te zien, maar het allemaal prima gered hadden zonder ons.
En het feit dat ik meer dan tweeduizend woorden kan typen over een eenvoudig weekendje weg, is wel het beste bewijs dat het voor ons gevoel een echte vakantie was!










Lees verder ...

Onderhanden werk

20081118 (Small)

Lees verder ...

Ontbijt

20081117 (Small)
Lees verder ...

Bloemen

20081114 (2) (Small)

20081114(1) (Small)

Lees verder ...

Lucht

20081113 (1) (Small)

20081113 (2) (Small)

20081113 (Small)

Lees verder ...

In de tuin

20081112 (Small)

Lees verder ...

Breiwerkje

Sommige mensen die zien hoeveel ik brei en naai, denken dat ik iedere avond braaf met een breiwerkje op de bank zit. En soms de hele dag misschien.
Dat klopt niet erg. Af en toe wel, maar meestal verlopen mijn dagen en avonden een beetje anders...
Zoals gisteren. Ik had wel een redelijk rustig ochtendje, maar ‘s middags was het haasten geblazen. Echtgenoot kwam thuis met de mededeling dat zijn zakelijke partner die middag nog langs zou komen om iets op te halen. Dat is niet erg, maar die man is nu twee keer bij ons geweest en twee keer was het huis nou niet bepaald een toonbeeld van goed huisvrouwenwerk. Om het maar zachtjes uit te drukken. En drie keer is scheepsrecht, blijkbaar, want vandaag was het weer zo. Ik was bezig met het vouwen van de was, er lag nog rommel van het reorganiseren van het berghok en ik moest dringend stofzuigen. Bovendien vertoonde de huiskamer de normale tekenen van intensief gebruik. Twee limonadeglazen, een koffiekopje en een broodplank, een deken die op de rand van de bank gemikt was, papieren van echtgenoot op de bank, papieren van mij op de tafel, boeken van de dochters enzovoort.
Dus begon ik als een razende op te ruimen. Haalde de stofzuiger nog even vluchtig door kamer, keuken en gang en een lap over de wc. En was toen net op tijd klaar om naar het dorp te rijden voor een opdracht. Ik maakte foto’s van de prijsuitreiking van een tekenwedstrijd, haalde medicijnen bij de apotheek en postte de facturen van deze week. Thuis ging ik met goede voornemens achter de computer. Meteen die artikelen maar even in het klad zetten. Maar er was een dochter die een onvoldoende had en getroost moest worden en er was een dochter die op zoek was naar een opleiding.
Het is gek maar hoewel ze min of meer opgegroeid zijn met internet, kunnen de dames niets vinden op internet. Misschien komt het juist wel doordat ik begonnen ben met internetten toen er nog niet zo veel op stond, je moest destijds wel goed kunnen zoeken, anders vond je simpelweg niets. Nu vind je te veel, maar met de juiste combinaties kom ik altijd een stuk verder dan zij.
Ineens was het bijna half zes. Eén van de dochters moet om kwart over zes weg voor balletles, dus ik schilde haastig aardappels, bakte speklapjes en serveerde ouderwets lekkere zuurkool. We waren net klaar met eten toen Es weg moest. Ik hoorde haar gehaast naar buiten rennen en ruimde de tafel af  Ik zocht nog even verder naar die opleiding, printte wat informatie uit en wilde net de keuken gaan opruimen toen jonste kwam vragen of ik haar wilde overhoren. We waren halverwege de vraag welke invloed een aankoop op de balans heeft (ze doet handel en administratie) toen ik de balletdochter stampvoetend weer binnen hoorde komen. Tas vergeten, pas ontdekt bij metrostation, terug gefietst en geen tijd meer om met tas de metro nog op tijd te halen.
Op dinsdag moeten de andere twee dochters naar zangles, dus ik rij toch al de hele avond heen en weer, het halen van de danseres kon samenvallen met het brengen van de zangeressen, dus ik besloot het kind maar te brengen. Ze had al twee lessen gemist, vorige week, omdat haar knie dik was door een val.
Ik reed dus met één dochter de route over dijkje, bochtige hoofdweg, rotondes en een stuk of tien stoplichten. Zette docher af, reed terug via stuk of tien stoplichten, rotondes, bochten en dijken, overhoorde jongste, ruimde keuken op. goot koffie achterover en bracht de andere dochters weg. Zelfde route, alleen drie stoplichten verder. Terugweg dochter opgepikt, thuis kwartiertje geprobeerd uit te vinden of de zingende dochters niet met metro en benenwagen naar zangles kunnen en weer weg. Weer diezelfde route, maar iets door gereden op zoek naar metrostation dat dichter bij zou zijn dan dat op de autoroute. Onvindbaar, de tomtom liet later zien dat er alleen een korte wandelroute naar toe is, met de auto rijdt je meer dan een kilometer om. De wandelroute is nog altijd langer dan die naar het metrostation op de route.
Anyway, dochters opgepikt, stoplichten, rotonders, bochten en dijkje terug en om half tien eindelijk op de bank. Nog een paar kleine dingetjes te regelen en bespreken en waarempel. Toen kon ik eindelijk een uurtje aan dat breiwerkje besteden...
Lees verder ...

Gevouwen

20081111 (Small)
Lees verder ...

Op kleur

20081110 (1) (Small) 20081110 (2) (Small) 20081110 (Small)

Lees verder ...

November

Ik wil er niets steeds over zeuren, maar november is niet mijn favoriete maand. Gelukkig moet ik voor dit blog proberen er toch iets moois in te zien…

20081107 (Small)

20081107 (1) (Small)

Lees verder ...

Open

Als je kinderen eenmaal op de middelbare school zitten, merk je dat het grote loslaten al aan het beginnen is. Bij de oudste twee kom ik één keer per jaar binnen die muren waar zij dagelijks uren doorbrengen, bij jongste drie keer per jaar. Voorlichtingsavonden en rapport ophalen (dat laatste dus niet op het VWO, maar wel op het VMBO – van mij mag het op beide scholen, ik vind het wel prettig om direct even de mentor te spreken).
Ik verwacht dat ik straks helemaal geen idee meer heb van hoe hun dagelijkse leven eruit ziet. Want hoe vaak bezoek je als ouder de universiteit of hogeschool waar je kinderen studeren?
Maar dat maak je gelukkig goed in het jaar ervoor. Deze maand is open-dagen-maand. En we bezoeken er heel wat. Wisten beide dames vorig jaar nog heel zeker wat ze wilden, dit jaar hebben we er één, die totaal een totaal blanco toekomstbeeld heeft.
Nou ja, niet helemaal. Ze weet in ieder geval voor honderd procent zeker dat ze niet wil wat ze vorig jaar wilde.
Vorig jaar ging ik met dit kind naar Delft. De TU, afdeling lucht- en ruimtevaarttechniek. Ik schepte er graag over op, overigens. Het is heel wat, een dochter te hebben die een dergelijke zware studie gaat doen. Maar na een open dag, een online proefstudie, een dagje meelopen en een project dat door de TU werd georganiseerd was ze het zat.
Huilend kwam na een maand bokken het hoge woord eruit: “Ik wil helemaal geen ingenieur worden!”
Tja. Toen moest er dus opnieuw georiënteerd worden. Ideeën kwamen en gingen, er werden interessetesten gedaan en nagedacht over onhaalbare doelen.
En we maakten een grapje, dat nu de meest serieuze mogelijkheid geworden is. Deze dochter vind het namelijk nogal leuk om mensen op hun fouten te wijzen. Taalfouten, stijlfouten, spelfouten, ze vind ze allemaal en dat zegt ze ook. Geërgerd riep ik: “Jij zou schooljuf moeten worden!”
En dat bleek ze eigenlijk wel leuk te vinden.
Dus gaan we naar een aantal PABO’s in de omgeving. En naar twee universiteiten waar je deze HBO studie met een master onderwijskunde kunt combineren. En als we dan toch bezig zijn, gaan we ook nog naar fysiotherapie en logopedie. Om niet helemaal los te komen van het beta gevoel bekijken we sterrenkunde en wiskunde. Maar ook nederlands, want daarmee kun je tegenwoordig ook heel wat kanten op. U begrijpt... de hele maand zijn we iedere zaterdag en twee vrijdagen onderweg. Van school naar school, van stad naar stad. En overal krijg je proeflessen en voorlichtingsuurtjes.
Het is dus eigenlijk niet zo gek dat mijn hoofd deze week erg vol zit met dingen waar ik niets aan heb.
Afgelopen zaterdag bijvoorbeeld kregen we een zeer boeiend verhaal over wat er allemaal mis kan gaan bij de opvoeding (pedagogie), een zeer saaie voorlichting over op welke manieren bedrijven met elkaar contact kunnen hebben (bedrijfscommunicatie) en een heel overtuigend verhaal over het bestuderen van onze moedertaal (Nederlands).
Ik heb vroeger zelf maar één open dag bezocht. Ik weet het nog precies, HBO-V op de Vijverberg in Ede. Ik wist het al toen ik het eerste klaslokaal bekeek: dit is niets voor mij. Ik was er dan ook eigenlijk omdat ik met een vriendin mee ging, niet omdat ik het zelf wilde doen.
Waarom ik verder nergens geweest ben, weet ik niet. Hadden we geen open dagen of interesseerde het me niet?
Nou ja, in ieder geval haal ik nu de schade ruimschoots in.
Oh ja, die andere dochter die dit jaar examen doet, weet die het wel, vraagt u?
Die weet het nog steeds heel zeker. Heeft zich zelfs al ingeschreven. Maar krijgt het wel spaans benauwd als ik vraag of ze zichzelf in de toekomst als archeoloog ziet. Eigenlijk niet. Dus.
Tja... in februari en maart zijn er weer nieuwe open dagen....
Lees verder ...

Gerbera

20081105 (Small)

Lees verder ...

Roze

20081104 (Small)

Mijn bloemen hebben dezelfde kleur als mijn breiwerk

Lees verder ...

In de tuin

20081103 (1) (Small) 20081103 (Small)

Lees verder ...